Robert lacht in zijn vuistje

Door Lenie Brouwer

straat BijlmerHet zal weinig mensen ontgaan zijn dat Robert Vuijsje met zijn boek  Alleen maar nette mensen de prestigieuze Gouden Uil prijs 2008 heeft gewonnen. Hierin doet hij verslag van de zoektocht van een joodse jongen uit Amsterdam Oud Zuid naar een ‘intellectuele negerin’ in de multiculturele wijk de Bijlmer. Ook het jury rapport heeft alle media gehaald, compleet met alle stereotype beelden over zwarte vrouwen. Ik wil niet bijdragen aan de bevestiging daarvan, maar toch denk ik dat het voor antropologen interessant is.

Vuijsje verricht eigenlijk participerende observatie in de Bijlmer. Vanuit het perspectief van een jongen uit een joods elitair milieu beschrijft hij hoe laagopgeleide zwarte jongeren uit de Bijlmer met elkaar omgaan. Daar blijken hele andere regels te gelden dan hij gewend is. Bij zijn vrienden kan hij bijvoorbeeld scoren met het beroep van zijn vader, hoofd van een actualiteitenprogramma, maar zijn nieuwe Surinaamse vriendin vraagt verbaasd wat een actualiteitsprogramma is. Ook vindt zij dat hij minstens de helft moet betalen voor haar dure haar extensies, ‘je wilt toch dat ik er mooi uitzie? Mooi haar krijg je niet voor niets.’ In het publieke debat wordt deze ruil ook wel aangeduid met ‘breezer-sex’. Antropologen hebben hier het moeilijke woord reciprociteit voor bedacht, voor wat hoort wat.

Het boek is natuurlijk fictie, maar tegelijkertijd lijkt het af en toe heel levensecht. Maar pas op dat je dit beeld over de Bijlmer niet generaliseert, daarvoor is het boek te eenzijdig. Vuijsje pretendeert dit ook niet. Anderen hebben wel de neiging dat te doen. Ze zeggen dan dat ze nu beter begrijpen hoe het toegaat in de Bijlmer. Dit is natuurlijk onzin, en dat is meteen het verschil tussen fictie en wetenschappelijk onderzoek. Als je Vuijsje volgt lijkt het wel alsof er alleen maar ‘negers‘ in de Bijlmer wonen, terwijl juist een grote verscheidenheid aan mensen kenmerkend is. Dit was ook een van de resultaten van het onderzoek dat ik samen met collega Marion den Uyl en studenten Antropologie heb gedaan. Wij spreken zelfs van een superdiverse wijk.

Verder is Vuijsje’s gebruik van het  woord ‘negerin’ heel irritant. In de jaren zeventig was dit een racistische term. Mag dit nu opeens wel? Heeft de black power beweging voor niets gestreden? Je kunt zeggen, what’s in a name? Een van de eerste lessen antropologie is distantie, wees je bewust van de verschillende betekenissen die mensen aan begrippen hechten. Probeer daarom zo neutraal mogelijke taal te gebruiken. Maar dat is antropologie. Moeten we literaire schrijvers ook verbieden dit soort  terminologie te hanteren? Nee, want dat is censuur. Maar antropologen hebben wel de plicht die term te bekritiseren, en op het racistische discours te wijzen dat zo naadloos aansluit op de negatieve beeldvorming in de samenleving.

Nu ik het toch over discriminatie heb, de joodse hoofdpersoon uit het boek wordt vaak voor een Marokkaan aangezien. Het gevolg is dat hij geen toegang krijgt in een disco of dat hij zijn tas moet openen in een dure winkel. Voor Marokkaans Nederlandse jongeren  is dit geen nieuws, maar in de media was hier ook weinig aandacht voor. Wel kwamen de woedende en verontwaardigende reacties van zwarte vrouwen uitvoerig aan bod. Ook dit is voer voor antropologen. Het gaat om vragen als wat is de reden van hun actie, hoe reageren de media hierop en wie krijgt wel en niet een stem in het publieke debat? Maar ook, waarom zijn andere mensen niet kwaad op de schrijver, zoals joodse mensen? Al met al heeft Robert Vuijsje het goed voor elkaar, hoe meer commotie, hoe hoger de oplage.

Lenie Brouwer is universitair docent antropologie aan de Vrije Universiteit. Haar specialisatie ligt op het gebied van media en migranten in Nederland.

Zie ook discussie bij Womeninc.

3 Comments on “Robert lacht in zijn vuistje”

  1. ‘Negerin’ is inderdaad een irritant woord, maar in fictie werkt dat kennelijk wel goed. Overigens zijn er ook (witte) Nederlanders die problemen hebben met het politiek-correcte woord ‘zwarte’, maar niet met de aanduiding ‘neger’. En wat dacht je van de aanduiding ‘joodse mensen’? Brrr… Over betekenissen gesproken.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *