Mandela, Lampedusa, en Zwarte Piet: een historische contextualisering

Door Oscar Salemink Toen Nelson Mandela op 5 december 2013 overleed, was dat meer dan voorpaginanieuws. Het was een schok voor de hele wereld. Vooral politici waren er als de kippen bij om zich te koesteren in het charisma van Mandela. De president van het machtigste land ter wereld – die leiding geeft aan een wereldwijd afluisterprogramma en met de resultaten mensen (“terroristen”) volautomatisch vanuit de lucht laat afschieten– verklaarde het voorbeeld van Mandela te willen volgen, namelijk “to make decisions guided not by hate, but by love, to never discount the difference that one person can make, to strive for a future that is worthy of his sacrifice.” Een voormalige premier van Nederland –die politiek verantwoordelijk was voor de grootste massaslachting op Europees grondgebied na de Tweede Wereldoorlog maar nooit verantwoording daarvoor heeft afgelegd, en die na zijn premierschap heeft gegrossierd in lucratieve commissariaten van diverse al dan niet onder zijn bewind geprivatiseerde staatsbedrijven– vertelde de media dat hij had gehuild toen Mandela werd vrijgelaten. Iedereen koestert hem of was een vriend en bewonderaar van wijlen Mandela, die echter tijdens zijn gevangenschap door vele westerse politici voor terrorist werd versleten als leider van de gewapende arm van de ANC. 

Toen op 7 oktober 2013 Quincy Gario bij Pauw& Witteman vertelde dat het voor zwarte Nederlandse kinderen pijnlijk is om met Zwarte Piet te worden geconfronteerd c.q. vergeleken en dat het goed zou zijn om Sinterklaas zonder Pieten te vieren, brak de beer pas goed los. Zwarte Nederlanders werd meegedeeld dat ze konden oprotten, de zangeres Anouk kreeg smerig commentaar over zich heen om haar Pieten-mening maar ook vanwege haar ”zwarte” kinderen, en de onhandige VN-bemoeienis onder leiding van Verene Sheperd bracht ruim twee miljoen Nederlanders ertoe om een pro-Piet-petitie te tekenen. De orkaan van racistische scheldkanonnades en de ”serieuze” discussie zelf gingen de wereld over en werden buiten Nederland met de grootst mogelijke verbazing bekeken. In dit geval lieten politici echter niet of nauwelijks van zich horen; zij ontvluchtten de camera’s die zij later bij het overlijden van Mandela innig zouden omarmen.

Toen op 3 oktober 2013 een boot met vooral Afrikaanse vluchtelingen zonk bij Lampedusa en 360 opvarenden omkwamen, was dat de meest dramatische en zichtbare tragedie in een lange reeks van zulke rampen. Politici waren er als de kippen bij om hun meeleven te betuigen, de schuld te geven aan mensensmokkelaars, en hardere maatregelen aan te kondigen om de maritieme grenzen tussen Europa en de rest van de wereld nu toch echt te sluiten – dit ofschoon strengere grensbewaking de aantallen slachtoffers alleen maar zal doen toenemen. In tegenstelling tot de stoomboot met Zwarte Pieten was dit schip niet welkom in Europa, ondanks het feit dat velen van de opvarenden – om het in de woorden van de huidige Nederlandse premier te gieten – ”nou eenmaal zwart zijn”. Het is misschien flauw om een doodsboot met een stoomboot te vergelijken, maar het is duidelijk dat de anonieme doden bij Lampedusa in Nederland minder emotie oproepen dan de Pietendiscussie of de dood van Mandela.

Maar er is nog een ander, beschamender, verband tussen deze gebeurtenissen. Mandela was de held van de strijd tegen de Apartheid – nog altijd wereldwijd het bekendste Nederlandse woord. En Apartheid werd gezien als slecht omdat het geïnstitutionaliseerd racisme was, waarbij verschillende bevolkingsgroepen (”rassen”) verschillende ”thuislanden” toegewezen kregen, zich alleen met speciale toestemming daarbuiten mochten begeven (de beruchte ”pasjeswetten”), zich niet mochten ”vermengen” (interraciale huwelijksverboden), en zich niet met het ”verlichte” bestuur van de witte Afrikaanders mochten bemoeien. Deze interne raciaal-territoriale grenzen van het Apartheidsregime dienden te worden geslecht. Maar deze grenzen hebben zich nu verplaatst naar het noorden, waar de Middellandse Zee nu een harde grens tussen Afrika en Europa vormt. Is die territoriale grens ook een raciale grens of is dat slechts ”optisch bedrog”? Het feit dat sinds het eind van de Apartheid ongeveer 800.000 Afrikaanders en andere witte Zuid-Afrikanen – zo’n 20% van de witte bevolking – is geëmigreerd naar Noord-Amerika, Europa, Australië en Nieuw-Zeeland en dat die migratiestroom niet met wrakke doodsbootjes hoefde te geschieden laat zien dat migratie en grensbewaking intens geracialiseerde processen zijn.

De huidige stroom van anti-racistische uitlatingen van politieke leiders en mediafiguren naar aanleiding van het overlijden van Mandela maakt een paar dingen duidelijk. Als anti-racisme een ver-van-mijn-bed-show is zijn we het allemaal eens dat we geen racisten zijn. Als Nederland wordt overspoeld met racistische pro-Piet uitlatingen, doen we er “genuanceerd” het zwijgen toe. Als honderden vluchtelingen en andere aspirant-migranten in de golven van de Middellandse Zee verzwelgen roepen we om betere grensbewaking, om toch maar vooral de harde grenzen tussen wit Europa en zwart Afrika te behouden. Dit besef maakt de huidige politieke emoties om de dood van Mandela nogal gratuit, om het vriendelijk uit te drukken.

Oscar Salemink is hoogleraar Antropologie van Azië aan de Universiteit van Kopenhagen. Tot 2011 was hij verbonden aan de VU.

7 Comments on “Mandela, Lampedusa, en Zwarte Piet: een historische contextualisering”

  1. ingetogen en trefzekere analyse van een nederland op drift. dank!
    een moedig stuk, daar kan iedereen wat van leren, hopelijk………….

  2. Utopia heeft geen grenzen. Is ook niet nodig. Alle inwoners zijn inschikkelijk, liefdevol en graag bereid eerlijk te delen. Utopia ligt op Venus, hier hebben we grenzen, een heg om de tuin en sloten op de deuren. En niet zonder reden. In die context politicus te zijn, bewust van eigen (on-) mogelijkheden, is geen sinecure. Obama roeit ook met de riemen die hij niet heeft en cynisch aan de zijlijn staan doet hem geen recht. Hij inspireert en wijst een richting en schiet in de uitwerking zelf hopeloos te kort, maar wie niet. Uithuilen en opnieuw beginnen, het is antropologisch gezien niet anders.

  3. Als we het dan over contextualisering hebben, zou het ook wel interessant zijn om b.v. een bloemlezing van Mandela’s uitspraken over zijn vele politieke vrienden en vijanden te bespreken. Khadafi was maar een van de vele dubieuze vrienden, terwijl ook Obama’s V.S. niet aan Mandela’s ongenuanceerde slogans is ontsnapt.
    Overigens valt veel van dit soort uitspraken goed te verklaren,evenals de uitspraken die Oscar aanhaalt. Mensen zijn nu eenmaal (politieke) rollenspelers, of wij het nu leuk vinden of niet. Zelfs Mandela was geen heilige (en dat wist hij zelf ook maar al te goed).

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *