Categorie archief: Regio Afrika

Koloniale tijden

DSCN4729klein

Nationaal Museum Burundi. ©Myrna Derksen

Door Myrna Derksen  Ik ben zo iemand die bij een museumbezoek als laatste het museum uitkomt, terwijl m’n gezelschap allang verveeld drie rondjes door de museumwinkel heeft gelopen zonder iets te kopen. Toen ik ruim een jaar geleden tijdens mijn eerste lessen antropologie leerde dat de eerste musea vaak tentoonstellingen waren van de kennis van vroege antropologen kon ik wel een dansje doen op m’n stoel. In elke stad waar ik kom wil ik minstens één museum zien – nou ja, zien – uitpluizen, het liefst zo oud en knullig mogelijk.

Burundi is niet erg ingesteld op toeristen. Het is een klein landje, ingeperst tussen de DRC, Tanzania en Rwanda, dat pas sinds tien jaar, na het eindigen van een burgeroorlog in 2005, aan het opkrabbelen is uit vele jaren van regelmatig terugkerend, gewelddadig conflict. Nu ben ik hier niet als toerist. Ik doe mijn masteronderzoek in een klein dorpje, wat hier een stad genoemd wordt, genaamd Rutana, in de commune Rutana, in de provincie Rutana, om het makkelijk te houden. Als ik vraag of er veel toeristen komen, wordt er enthousiast geknikt, want er zijn wel drie toeristische attracties in de provincie: watervallen, één of andere rots en de bron van de Nijl. Ik ben hier nu bijna twee maanden en ik heb nog geen toerist gezien, terwijl ik toch in hét toeristenhotel van het dorp woon.

Lees verder

Ethiopische sekswerkers voor de camera

IMG_3416Door Marina de Regt. Ik had nooit gedacht dat ik het nog eens zou doen: een documentaire maken. Precies acht jaar geleden, in februari 2007, was ik in Jemen om een film te maken over Ethiopische en Somalische vrouwen die betaald huishoudelijk werk doen. Zoals zoveel antropologen leek het me fantastisch om mijn onderzoek te visualiseren. Ik wilde de vrouwen die ik tijdens mijn onderzoek had ontmoet een gezicht geven en vooral Jemenieten laten zien dat het meer dan alleen huishoudsters zijn maar mensen van vlees en bloed. Samen met een Nederlandse filmmaakster vertrok ik naar Jemen, waar ik erachter kwam dat filmen iets heel anders is dan antropologisch onderzoek doen. Ik voelde me erg ongemakkelijk door de aanwezigheid van de camera in mijn onderzoeksveld, en vond het moeilijk vrouwen te vragen of ze gefilmd wilden worden. Gelukkig lukte het toch om een aantal Somalische, Ethiopische en Jemenitische vrouwen te filmen. Toen we een jaar later terugkeerden om de film aan de betrokken vrouwen te laten zien, zeiden de Ethiopische vrouwen dat ze het een mooie film vonden maar ze vroegen ons hem niet in Jemen of Ethiopië te vertonen. Ze wilden niet dat andere Ethiopiërs zouden zien dat ze hun leven als domestic worker in Jemen hadden laten filmen. Daar zat ik dan, met een prachtige film die niet vertoond mocht worden aan het publiek dat ik voor ogen had gehad.

Toen de co-onderzoekers in het meisjesmigratieproject waar ik nu bij betrokken ben met het idee kwamen een documentaire te maken over het onderzoek in Bangladesh en in Ethiopië was ik dan ook niet enthousiast. Ik had een klein trauma overgehouden aan het filmen in Jemen, en voorzag dezelfde problemen in Ethiopië. Het onderzoek dat ik hier samen met twee Ethiopische onderzoekers heb uitgevoerd gaat over tienermeisjes die van het platteland naar de stad zijn gemigreerd en hun brood verdienen met huishoudelijk werk of sekswerk. In de levensverhalen van de meisjes staan armoede, gebroken gezinnen, overleden ouders, misbruik, angst voor uithuwelijking en ontvoering centraal. Maar we hoorden ook over hun ambitie hun leven te veranderen, onderwijs te volgen, meer bewegingsvrijheid te hebben, en zelf geld te verdienen. Het vinden van “informanten” was niet makkelijk geweest: domestic workers werken bij mensen thuis en hebben nauwelijks tot geen vrije tijd en sekswerkers werken ‘s nachts en slapen de helft van de dag. Maar met veel moeite was het gelukt. Het filmen van deze meisjes leek me echter nog moeilijker: geen van de meisjes is trots op het werk dat ze doet en ze worden erg gestigmatiseerd. Ik had de Italiaanse filmmaker dan ook op het hart gedrukt dat hij de meisjes onherkenbaar moest filmen, zodat hun privacy beschermd zou worden. Lees verder

Ethiopië: beklemmende blikken

foto 2-1Door Jasmijn van Holsteijn. Een maand geleden vertrok ik naar Ethiopië. Het land dat bekend staat om haar rijke cultuur, trotse bevolking en eeuwenoude tradities. Het enige Afrikaanse land dat nooit gekolonialiseerd is, waar meer dan tachtig verschillende talen gesproken worden en mensen met verschillende religieuze achtergronden in vrede samenleven. Helaas is het ook het land waar dagelijks vele mensenrechten geschonden worden en  waar het sinds 2009 voor veel ngo’s niet meer toegestaan is om over mensenrechten te praten, laat staan er voor te strijden. Het land waar vrouwen ondergeschikt zijn aan mannen en waar juist de rechten van deze vrouwen veelal geschonden worden.  Als vrouw zijnde, geboren en opgegroeid in Nederland, maakte dit mij boos. Ik ben grootgebracht in een cultuur waar het idee bestaat dat vrouwen en mannen gelijk zijn en daarom ook gelijke rechten hebben. Een cultuur waarin vrouwen baas zijn over hun eigen leven, zelf beslissingen kunnen nemen en een eigen mening mogen hebben. Dit staat echter lijnrecht tegenover de heersende ideeën in Ethiopië. Als antropologe vroeg ik mij af waarom vrouwen in dit land een tweederangspositie innemen. En waarom is het zo moeilijk om de huidige situatie te veranderen?

Vol goede moed vertrok ik half januari naar Ethiopië. Hoewel ik met mijn masteronderzoek vooral inzicht in de eeuwenoude traditie vrouwenbesnijdenis hoopte te krijgen, was ik nieuwsgierig naar al het andere dat ik gedurende mijn veldwerk zou ontdekken. Mijn doel was vooral om mij zo goed mogelijk aan te passen aan de culturele context om zo in contact te komen met Ethiopiërs. Ik wilde al mijn zintuigen laten werken om mij te kunnen verplaatsen in hen. De eerste week werd ik overweldigd door nieuwe, en overwegend positieve indrukken. Ik vormde een eerste beeld van Ethiopië waarbij ik vooral onder de indruk was van de gastvrije, behulpzame en optimistische mensen die ik ontmoette. Met een positief gevoel vertrok ik vanuit de hoofdstad Addis Ababa naar een kleinere plaats in het noorden van het land waar ik mijn onderzoek uit zou gaan voeren. In dit plaatsje waren relatief weinig westerse invloeden te zien in vergelijking met de hoofdstad. Ik werd enthousiast en hoopte het ‘echte’ Ethiopië te gaan beleven. Wat ik mij echter niet gerealiseerd had voor aankomst, was dat het feit dat ik een vrouw ben van grote invloed kon zijn op het integreren in de samenleving en mijn gevoel van veiligheid. Lees verder

Unilever Researchprijs voor thesis over Marokkaanse vrouwen en chronische pijn

Emmaly Berghuis    Op 27 november heb ik samen met twaalf andere studenten van Nederlandse universiteiten de Unilever Research prijs in ontvangst mogen nemen voor mijn masteronderzoek naar chronische pijn onder Marokkaanse vrouwen. Op de feestelijk verzorgde middag in het hoofdgebouw van Unilever in Vlaardingen hielden we posterpresentaties en kwam minister Jet Bussemaker van Onderwijs langs om ons toe te spreken.

Emmaly met haar begeleiders Edien Bartels (l) en Ina Keuper (r). © Nanning Barendsz

 

 

Over het veldwerk heb ik al verslag gedaan op Standplaatswereld. Mijn onderzoek ging over Marokkaanse vrouwen met pijn waarvan de oorzaak onduidelijk is. Vaak is dit pijn in de nek, schouders, rug, knieën en/of voeten. Deze vrouwen zijn ondervertegenwoordigd in therapieën en haken ook geregeld af met behandeling. Ik ben nagegaan hoe migrantenvrouwen betekenis geven aan chronische pijn vanuit een transnationaal perspectief. Daarmee bedoel ik dat deze vrouwen op heel wezenlijke, praktische of emotionele manieren verbonden zijn met meerdere leefwerelden die sterk kunnen verschillen. Ze onderhouden dagelijks contact met familie in het thuisland, door naar hun zorgen te luisteren, geld te sturen, of door daar op vakanties te gaan. Als migrante uit Marokko zoek je betekenis vanuit deze voor anderen min of meer gescheiden leefwerelden. Hoe zoeken migrantenvrouwen naar betekenis als het gaat om chronische pijn? In de verschillende leefwerelden bestaan eigen regels en verwachtingen ook ten aanzien van pijn. De conclusie van mijn onderzoek was dat ‘pijngedrag’ te maken heeft met het voortdurend navigeren tussen meerdere opvattingen over pijn uit verschillende leefwerelden.

Lees verder

Het museum als mausoleum voorbij: het rituele en etnografische leven van een Kabra masker

Door Rhoda Woets

KABRA-masker

Kabra masker in het Amsterdam Museum. Bron: http://www.ikbenniettekoop.nl

De meeste antropologen zijn bekend met Arjun Appudurai’s idee dat objecten, net als mensen, een sociaal leven hebben of, in Igor Kopytoff’s woorden, ‘een culturele biografie’. Dit idee impliceert dat objecten geboren worden, relaties aangaan, reizen en agency hebben, maar ook sterven.

Ceremoniële objecten uit Afrika, ooit tot leven gewekt in rituelen en door handelaren en missionarissen naar Europe gebracht, eindigden hun sociale leven gebalsemd en opgebaard in glazen vitrinekasten. Neem een bekend object: het masker. Een masker werd gedragen tijdens speciale ceremonies waarbij het zweet van de danser diep doordrong in het hout. De zweetplekken vormden voor kunst verzamelaars en handelaren het bewijs dat het Afrikaanse masker echt was gebruikt en werd daarmee ‘authentiek’. Maar het leven van het masker leek te eindigen in het museum waar het een object werd van esthetische contemplatie of etnografische kennis.

De kunstenares Sokari Douglas Camp is geboren in the Niger delta in Nigeria en woont al meer dan dertig jaar in Londen. De stille maskers in musea en galeries hebben voor haar veel weg van een onthoofding: het lichaam ontbreekt immers. Maskers komen alleen tot leven in relatie tot de sociale en materiele omgeving: door het lichaam en de kleding van de danser, de opzwepende muziek en de omringende mensenmassa. Een masker vormt hiermee slechts een onderdeel van een performance die beroep doet op alle zintuigen. Douglas Camp maakte een serie metalen beelden van maskerades die laten zien dat een masker onderdeel is van een groter spektakel. Zo wekt zij dode museum maskers weer tot leven.

SokariDouglasCamp

Sokari Douglas Camp (1995), Big Masquerade with boat and household on his head. Bron en copyright: British Museum.

In dit licht bezien, is de recente aankoop van een vooroudermasker door het Amsterdam museum een zeer interessante casus voor de museum antropoloog. Winti priesteres Marian Markelo wilde nieuw leven inblazen in een beeldencultuur die verloren was gegaan in de ‘middle passage’: de trans-Atlantische reis van tot slaaf gemaakte Afrikanen naar Amerika. Algemeen gesteld, werden sommige beelden in West Afrika speciaal gemaakt om contact te leggen met hogere machten. Geesten of voorouders werden door de priester uitgenodigd, bijvoorbeeld via plengoffers, om beelden te gebruiken als verblijfplaats. In de winti religie wordt ook contact gelegd met de geesten van voorouders of met goden, maar communicatie vindt niet plaats via materiele objecten. Om daar verandering in te brengen, selecteerde Markelo samen met de Rotterdamse kunstenaar Boris van Berkum houten maskers in het depot van het Afrika museum in Berg en Dal. Met goedkeuring van de voorouders die door Markelo werden geraadpleegd, werd een Yoruba masker gescand en vergroot uitgeprint in 3d. Het masker werd geschilderd, gekleed in blauwwitte doeken en wordt nu ingezet bij uiteenlopende gelegenheden waar de voorouders worden geëerd of geraadpleegd: Keti Koti, een Winti bal masqué of een maaltijd voor de voorouders. Tussen de maskerades door staat het masker in een glazen vitrine van het Amsterdam museum.

Het creëren van een nieuwe traditie roept ook vragen op over het sociale leven van het Kabra masker. Hoe wordt dit masker, opgeladen met geesten of goden in een ritueel, een dood museumstuk en vice versa? Is een masker dat op en neer reist tussen een danseres en een museumvitrine wel dood of levend te noemen? Is het Yoruba masker uit het museum in Berg en Dal wederom tot leven gewekt via deze ‘kloon’, mogelijk gemaakt door recente technologieën van reproductie zoals 3 d scans en prints?

MarkeloKABRA-kopie

Marian Markelo en het Kabra mask, Keti Koti 2014. Bron: http://www.ikbenniettekoop.nl

De afstand tussen gemeenschappen voor wie etnografische objecten in musea meer zijn dan alleen beelden van esthetische waarde of antropologische interesse, is kleiner geworden in een wereld van globalisering. Het Kabra masker illustreert prachtig wat hier de gevolgen van kunnen zijn.

Congresverslag: integere antropologie (2)

Het studentenpanel

Het studentenpanel

Door Georgette Veerhuis m.m.v Laetitia Simorangkir
“Integriteit moet opnieuw uitgevonden worden’’ (Fridus Steijlen), “Wij zijn heel snel verlinkers’’ (Sabine Luning), “Constateren is niet gelijk een oplossing klaar hebben’’ (Wim Manahutu). Dit zijn slechts een aantal van de vele inspirerende uitspraken die vrijdag 13 juni gedaan werden tijdens het congres Integere Antropologie van de Antropologen Beroepsvereniging in Amsterdam. In verschillende panels werd gesproken over ethische kwesties binnen de antropologie, hierbij een korte impressie. Lees verder

Prioriteiten

SpW afbeelding KarinDoor Karin Harenberg  Voor mijn master scriptie heb ik onderzoek gedaan naar Alternative care-systems in Africa with a focus on Zambia. Toen ik in januari 2014 vertrok naar Lusaka, voor elf weken, was ik nog in de veronderstelling dat ik onderzoek ging naar huishoudens met kinderen aan het hoofd. Helaas kwam ik er snel achter dat het allemaal niet zo makkelijk zou gaan. Ik had al wel verwacht dat toegang verkrijgen tot het veld lastig zou zijn. Het gaat immers om kinderen die hun ouders verloren. Dit kan een gevoelig onderwerp zijn, zeker als dit te maken heeft met HIV/Aids. Maar dit bleek niet de kwestie te zijn die mijn onderzoek moeilijk ging maken. Lees verder