Categorie archief: Regio Midden Oosten & Noord-Afrika

Chaos in Jemen en de plicht van de antropoloog

IMG_3347Door Marina de Regt Vandaag zijn de president en de regering in Jemen afgetreden, maar op het Nederlandse nieuws hoor ik er niets over. Jemen is niet interessant, tenzij het over terroristen gaat die de Westerse vrijheid aan willen vallen. Ik ben verbaasd, maar toch ook weer niet. De eenzijdige kijk van het Nederlandse nieuws is al jaren bekend. Op Al-Jazeera worden er 20 minuten aan Jemen besteed. Er zijn interviews met minstens 4 deskundigen en de crisis in het land wordt op allerlei manieren belicht. Maar misschien is dat ook wel weer logisch: Jemen wordt al jaren als een vrijplaats van terroristen gezien en de Amerikanen zijn zeer actief in het bestrijden van AQAP (Al-Qaida op het Arabisch Schiereiland). Daar worden drones voor gebruikt, en er zijn al talloze onschuldige slachtoffers mee gemaakt. De voedingsbodem voor radicalisering van de bevolking wordt zo alleen maar groter. Vorig jaar, toen ik een blog schreef als reactie op de tendentieuze berichtgeving over Jemen bij Pauw en Witteman, zei ik het ook al: door anti-terreur maatregelen neemt de kans op terrorisme alleen maar toe.

Als er iets in Jemen aan de hand is weten de media mij snel te vinden, maar de afgelopen week is het stil. Het zal wel komen doordat er andere belangrijke zaken zijn. Ik vind het niet zo erg, ik kan mijn tijd heel goed anders besteden. In de Kerstvakantie ben ik begonnen aan een artikel over Na’ma, een van mijn beste vriendinnen in Jemen. Ik ken Na’ma al sinds 1993, toen ik een aantal jaren in Hodeidah, een stad aan de Rode Zee, woonde. Ze is een paar jaar ouder dan ik, weduwe met drie volwassen kinderen, en woont op zichzelf. Als ik in Jemen ben zoek ik Na’ma altijd op, en vaak logeer ik bij haar. Maar de laatste keer is al weer twee jaar geleden. Het wordt steeds moeilijker om naar Jemen te gaan; de instabiliteit in het land heeft tot een grote mate van onveiligheid geleid en westerlingen komen steeds moeilijker aan visa. Er zijn bijna geen buitenlandse journalisten meer die in Jemen verblijven en verslag doen van de politieke ontwikkelingen. Wat moet je als antropoloog doen om toch over een land te blijven schrijven als je er niet meer naar toe kunt? Lees verder

Koerdische vrouwelijke bestuurders in Nederland

seminar Koerdische burgemeesters Door Emine Igdi en Edien Bartels. In de week van 21 tot en met 30 november 2014 was een delegatie van vrouwelijke bestuurders uit Oost-Turkije te gast in Nederland. Het ging om twee burgemeesters, respectievelijk uit de steden Mardin en Sirköy en het hoofd van de afdeling vrouwenzaken uit Diyarbakir. Het doel van het bezoek was het uitwisselen van ervaringen over de invulling van de bestuurdersrol door vrouwen, over de strijd tegen geweld tegen vrouwen in Oost Turkije  en over de problemen en opvang van vluchtelingen, speciaal vrouwen, in die regio. Over dit laatste thema was op 28 november een seminar op de Vrije Universiteit gewijd.

Het seminar werd ingeleid door dr. Joost Jongerden, antropoloog gespecialiseerd in de Koerdische kwestie aan de universiteit van Wageningen. Hij vertelde onder andere over het grote aantal vrouwelijke burgemeesters in deze regio. Daarna kwamen de vrouwen van de delegatie aan het woord. Zij spraken vooral over de situatie van Syrische vluchtelingen, waaronder veel vrouwen. In het zuidoosten van Turkije is de politieke partij BDP (Barıṣ ve Demokrasi artisi- Partij van Vrede en Democratie) heel sterk. Met de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2014 werd het duo burgemeesterschap door de BDP ingevoerd. Wanneer een man burgemeester werd kreeg die een vrouwelijke duo burgemeester naast zich en wanneer een vrouw burgemeester werd kreeg die een man als duo burgemeester naast zich. Er zijn nu 106 vrouwelijke duo burgemeesters. Dat zoveel vrouwen in dit gebied als duo burgemeesters werken was 40 jaar geleden praktisch onmogelijk. Dit is voorbeeld van de grote veranderingen die onder invloed van de Koerdische beweging zijn gerealiseerd.         Lees verder

Potential famine among Syrian refugees has far-reaching implications for the Middle East

Erik van Ommering   Last week around 1.7 million refugees from Syria received the following text message on their cellphones:

“We deeply regret that WFP has not yet received funds to reload your blue card for food for December 2014. We will inform you by SMS as soon as funding is received and we can resume food assistance”

The message was sent by the World Food Program (WFP), one of the UN agencies that has played a vital role in supporting refugees from Syria in Lebanon, Turkey, Jordan and Egypt. Hosting refugees “in the region” has been a key policy pursued by the Netherlands and other countries. Accordingly they seek to both provide aid in efficient manners and discourage refugees from seeking asylum inside, for instance, the European Union.

Purchasing basic food items in a Lebanese grocery story (photo by WFP, link: https://www.flickr.com/photos/69583224@N05/8713978464/in/set-72157633416163971)

Purchasing basic food items in a Lebanese grocery, © WFP

As refugees register in their respective host countries, they receive a special credit card (the ‘blue card’) that is charged monthly by the WFP with the amount of USD 30, enabling refugees to purchase basic food items in selected grocery stores. For many who own little more than the clothes they wore as they fled the brutalities of Syria’s war, this support has proved indispensable. Its suspension may therefore spur catastrophe.

Lees verder

Electoral democracy confirmed: The 2014 Tunisian parliamentary elections

1513710_10152774150494848_646285527_n

Photo: Touraj Eghtesad

By Touraj Eghtesad Almost four years after the Tunisian Revolution, electoral democracy is becoming a reality in this little country where citizens often feel distant from the process of democratic transition. Meanwhile, much of the European media praises the ‘advent of democracy’ in Tunisia, where a democratic tradition has little consistency so far, as if democracy was a ‘thing’ rather than an ongoing process of checks and balances.

After a first set of elections with hundreds of political parties, Ennahdha (conservative) won and led a coalition government (Troika). Many people trusted that an Islamist party could not become corrupt and that Ennahdha would pursue a whole different trajectory than the Ben Ali regime which long oppressed them. Over the past three years, however, many Tunisians were frustrated that the Troika government did little to stop the growth of Islamist terrorist groups and carried out the same economic policies of the Ben Ali era.

The murder of far-left parliamentary Mohammed Brahmi by Salafist extremists in July 2013 brought one million Tunisians onto the streets . The Troika government, under pressure, promised to step down in favour of a technocratic government after a process of ‘National Dialogue’. This culminated in the vote of a new Constitution, praised as the most progressive in the Arab world, in January 2014.

Conducting my Master’s field research about unemployed graduates’ activism, I managed to witness the constitutional vote in the National Assembly, where politicians of all colours were ecstatic after three years of deliberation and conflict. The next day, a group of young Tunisians of various political belongings argued whether the Constitution was an advancement or not. Nonetheless, they agreed that three years had been wasted in drafting a new Constitution, a reflection of the secular/Islamist debate over Tunisia’s national identity, while none of them actually cared about those issues.

The recent October 26th elections had a smaller turnout than the previous one (about 40% vs. 50% in 2011). This outlines the lack of engagement of Tunisians, especially young voters, with political elites and the new ‘democratic’ regime. ‘I didn’t vote in 2011 because there were many people from the Ben Ali regime on the electoral lists. I only voted this time to balance power between parties. Since every party has a similar programme and all of them are only after power, it is important to avoid that anyone gets a majority’ (Kais, 25 years old).

Many young Tunisians are disillusioned and are unaccustomed to the electoral process. In the past few months, hundreds of NGOs working on ‘democratic transition’ and ‘citizenship’ have mobilized people to vote and teach citizens how to make a conscious electoral decision. This resulted in a clean and fair election, with Nidaa Tounes (liberal) winning almost 40% of the vote. There are two key reasons for Nidaa’s victory. First, this was a sanction vote against the Troika government’s poor performance since October 2011. Many people felt that it failed to accomplish its mandate, as rising insecurity and economic crisis ravaged the country. The CPR party of President Marzouki and Ettakatol both collapsed (from 24 to 5 seats), while Ennhadha lost about 10% of the popular vote. Secondly, Tunisians voted in favour of stability and competence. Tunisians hope that the uncertainty of the Revolution fades away, paving the way for a vibrant national economy. The mismanagement of the Ennhada party and partisan quarrelling in the transition period made people sceptical of the potential for new parties to govern the nation. On October 26th, they chose to elect a party with many members of the old regime in its ranks as a more experienced party that can guarantee a return ‘back to normal’ for the middle classes.

‘I don’t want to go backwards or live in an Islamic state so I voted for Nidaa. They will bring stability back; for us that is especially important to revive the tourist industry’ (Asma, 28 years old). Electoral democracy has become the game for Tunisia’s main political actors, and a two-party system is likely to unfold. For some theorists of democratic transition, two governmental changes through elections means that democracy is consolidated. Many former members of the Ben Ali regime joined Nidaa Tounes at its creation in 2012 by notorious Bourguibist leader Beji Caid Essebsi. Ennahdha, afraid of falling out of parliament altogether like the Islamists in Egypt, have also adopted the rules of procedural democracy. They left power before the elections and are not presenting a candidate for the presidency, instead preferring a consensus candidate.

Now that the elections are over, Nidaa Tounes has yet to name a new government. In the absence of a majority, they must lead a coalition government with the UPL (led by a billionaire and has no clear policy) and the FP (far-left), which seems unlikely, or enter join forces in a government of national unity with Ennahdha who is widely in favour of this. Their priority will be to lead the country out of the economic crisis as Tunisians of all backgrounds have high expectations for change.

Wat is er aan de hand in Jemen?

yemen
Door Marina de Regt
Een maand geleden werd Sana’a, de hoofdstad van Jemen, door de shi’’itische rebellengroep de Houthis ingenomen, een paar weken later was de havenstad Hodeidah aan de beurt en sinds een week zijn er felle gevechten tussen Houthis en AQAP (Al-Qaida on the Arabian Peninsula) in het stadje Rada’ dat ten zuidoosten van Sana’a ligt. Ik heb anderhalf jaar in Rada’ gewoond en gewerkt en viereneenhalf jaar in Hodeidah, dus deze berichten schokken me zeer. Wie had ooit gedacht dat het rustige Hodeidah, waar tribale sentimenten ver te zoeken zijn, het doelwit zou worden van een sectarische groep? Dat het in Rada’ de laatste jaren niet rustig meer was had ik wel begrepen. Niet alleen is AQAP opgerukt vanuit het oostelijke woestijngebied van Jemen, maar ook de lokale stammen liggen in dit deel van Jemen regelmatig met elkaar overhoop. Wat is er aan de hand in Jemen? Hoe kan het dat de Houthis, een minderheidsgroepering uit het noorden, in zo’n korte tijd zo snel opgerukt zijn? Wat willen de Houthis eigenlijk? En wat vindt de gemiddelde Jemeniet daarvan? Lees verder

Koerden in Den Haag: “Ik word gek, ik moet demonstreren”

Koerden demonstreren tegen de aanvallen van IS op de Koerden in Syrië

Door Emine Igdi. Afgelopen vrijdag, 10 oktober, komt voor de zoveelste keer een groep Koerden in Den Haag bijeen om te demonstreren tegen de aanvallen van IS (Islamitische Staat) op de Koerden in Syrië. Ik loop naast een Koerdisch-Nederlandse jongeman van begin 20. Ik ken hem al van de tijd dat hij nog naar de basisschool ging. Wij woonden in dezelfde buurt en ik paste af en toe op hem en zijn broertje. Zijn ouders hebben nooit in Koerdistan gewoond, hij evenmin. Het verbaast me om hem daar te zien, terwijl hij in collegebanken had moeten zitten. Naar aanleiding van mijn vraag wat hij daar doet, zei hij: “Iedereen die tegen IS is, moet hier zijn.” “Want”, zo vervolgt hij, “IS pleegt gruwelijke daden tegen de mensheid. Mijn betrokkenheid komt niet voort uit het feit dat ik een Koerd ben. Ik zou ook demonstreren als IS een ander volk had aangevallen. Ik ben tegen IS.” Hij wil er met zijn aanwezigheid voor zorgen dat er aandacht is voor de door IS belegerde Koerdische stad Kobani (een Koerdische stad in Syrië), zodat de Koerdische strijders in het verzet internationale ondersteuning krijgen. Een andere betoger (49 jaar oud) zei: “Het gaat de Koerden niet lukken om een relatief groter en moderner leger van IS tegen te houden. De Koerden hebben weinig wapens en die wapens zijn ook oud.”

Lees verder

Hawar fermané, ‘help, genocide!’

SpW Emine ezidi vluchtelingenDoor Emine Igdi   Hawar is een Koerdisch woord voor schreeuw of noodkreet. Wanneer iemand in een noodsituatie verkeert schreeuwt hij of zij “hawar!” (‘help’). Ferman was oorspronkelijk het officiële bevel van de Ottomaanse Sultan om iets gedaan te krijgen. In het Koerdisch staat ferman echter gelijk aan genocide, bijvoorbeeld verwijzend naar Fermana Ezídiya (de Ezidi genocide) en Fermana Fila (de Armeense genocide).

De laatste weken heb ik geregeld de Hawar! en Fermane! kreten gehoord, geroepen door de Koerden. Hiermee wilden ze aandacht vragen voor de gruwelijke daden van de terroristen die streven naar de inrichting van de zogenaamde Islamitische staat (IS) en die ik in dit artikel ISIS noem.

ISIS heeft in juni 2014 de tweede grootste stad van Irak, Mosul, overgenomen. Het Iraakse leger bood geen weerstand en verliet de stad. ISIS heeft het achtergelaten legermateriaal in beslag genomen. Sommige commandanten van het Iraakse leger en enkele soennitische stammen in Mosul hebben zich bij de ISIS aangesloten. Naast de olievelden die zij reeds in Syrië bezitten, gaf de overname van Mosul ISIS extra veel macht.  Lees verder