De dag die je weet dat gaat komen: ritueel in tijden van corona

DOOR IRENE STENGS

Woensdag 15 april was het zover: de Koninklijke Bond van Oranje Verenigingen maakte het alternatieve programma voor Koningsdag bekend. Koningsdag 2020 zal de geschiedenis ingaan als Woningsdag. In plaats van het oorspronkelijk geplande bezoek van de koninklijke familie aan Maastricht, de vrijmarkten, de festivals en de koningsspelen, roept de bond iedereen op om vanuit zijn woning aan de viering deel te nemen. Vanuit het adagium “thuis én samen” beoogt de KBOV van Woningsdag een dag van nationale saamhorigheid te maken.

Deze saamhorigheid zal vorm en inhoud krijgen door middel van een aantal collectieve rituelen:

  • Het uitsteken van de vlag (“Voor de jarige koning en voor elkaar. Voor het zorgpersoneel, voor de onderwijzers, voor iedereen die zich inzet voor de samenleving”)
  • Het luiden van de klokken tussen 9:45 tot 10:00 (“als teken van verbinding, verdriet en vreugde”)
  • ‘De Nationale Aubade’ om 10:00 uur (het online gezamenlijk zingen van het Wilhelmus “waar het Koninklijk Concertgebouworkest materiaal voor zal aanleveren”)
  • Saamhorigheidsconcerten (“aan muzikanten en artiesten wordt gevraagd om voor de ouderen in hun gemeenschap tussen 3 en 4 uur op te treden”)
  • Het uitbrengen van ‘De Nationale Toost’ om 16:00 uur (“een drankje op de gezondheid van iedereen”)

Het programma is een goed voorbeeld van hoezeer oude en nieuwe rituele elementen op een welhaast vanzelfsprekende wijze nieuwe rituelen kunnen vormen die – zonder aan overtuigingskracht te hebben ingeboet – het gevoel van traditie in stand houden. Vlaggen en het Wilhelmus zijn onlosmakelijk verbonden met koningsdag; meezingen in een online ‘nationale aubade’ is echter een nieuwe rituele vorm, die zowel elementen van het ‘balkon-zingen’ als van de online Matthäus Passion uitvoeringen (zie ook Pasen als gemeenschappelijk medicijn) combineert en daarmee onmiskenbaar in de categorie corona-rituelen valt.

Dit laatste geldt ook voor De Nationale Toost. Deze variatie op de wekelijkse ‘digital drinks’ van bedrijven en organisaties met thuiswerkenden is een goed voorbereid. Vergelijkbaar met de oproep ‘Nederland applaudisseert voor onze Zorghelden’ in de eerste week van de intelligente lockdown – hier heeft een communicatiestrateeg een bonus verdiend: wie wil er nou niet intelligent zijn? – heeft de KBOV in samenwerking met het Oranjefonds (zie www.nationaletoost.nl) een in rood-wit-blauw-oranje uitgevoerd gifje ontworpen “(…) die je onderaan je mail kan plakken. Zo laat je aan iedereen zien dat je (natúúrlijk) meedoet met de Nationale Toost 2020. En je spoort zo iedereen aan om óók mee te doen. Zodat we straks daadwerkelijk ALLEMAAL tegelijk het glas heffen op elkaars gezondheid en het leven!”

De tekst ‘Natúúrlijk doe ik/doen wij mee’ (2 opties) die in het gifje in het wit van de nationale driekleur verschijnt laat twee aspecten van ritueel zien die vaak onopgemerkt blijven: de dwingende aard en hoe inclusiviteit onvermijdelijk gepaard gaat met uitsluiting. Als meedoen zo vanzelfsprekend zou zijn dan hoeft het eigenlijk niet gezegd te worden. Of weet nog niet iedereen dat meedoen natuurlijk is? De implicatie is dat degenen die dit minder natuurlijk vinden zich uitsluiten van de nationale gemeenschap die hier als natuurlijk gepresenteerd wordt.

De dwang die uitgaat van De Nationale Toost is vergelijkbaar met het mechanisme dat tijdens koningsdagen en voetbalkampioenschappen hele straten oranje kleurt. Je moet wel sterk in je schoenen staan om niet mee te doen: als ‘spelbreker’ lig je eruit. De inbedding in ‘Nederland in crisistijd’ geeft aan De Nationale Toost een nog pregnantere normatieve lading. Hierdoor vraag ik me nu af: Wat ga ik doen als mijn broer of een groep goede vrienden mij digitaal uitnodigen om op 27 april samen met de rest van de natie het glas te heffen op de gezondheid van iedereen?

Irene Stengs is als senior onderzoeker verbonden aan het Meertens Instituut en Bijzonder Hoogleraar Antropologie van Ritueel en Populaire Cultuur aan de afdeling Sociale en Culturele Antropologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *