Filantropische veerkracht

collectebus

Door Eva de Jong

Op 23 april vond de ‘Dag van de Filantropie’ plaats op de Vrije Universiteit. Het thema van de dag was “Veerkracht van de Filantropie.” Veel mensen hadden zich aangemeld voor deze jaarlijkse dag waarop de filantropische sector centraal staat. Voor het thema veerkracht was gekozen omdat de filantropische sector de afgelopen jaren kennis heeft gemaakt met de verschijnselen tegenslag en bedreiging. Nu is het tijd voor herstel en is het de vraag hoe veerkrachtig de sector is. Anders gezegd,  heeft de sector de veerkracht van een  trampoline of een turnmat?

Veerkracht
De jaren ’90 was een periode van groei voor de filantropische sector. De discipline werd meer geprofessionaliseerd en beter georganiseerd. Er kwamen bijvoorbeeld opleidingen die zich specialiseerden in de filantropie en er ontstonden brancheverenigingen. Helaas kreeg de filantropische sector in de afgelopen jaren met tegenslag te maken. (1) Economische tegenslag, (2) een terugslag in het overheidsbeleid en een (3) tegenslag in de media. De economische tegenslag is duidelijk: door de crisis staan inkomsten uit bijdragen van huishoudens, bedrijven en fondsen onder druk. De terugslag in het overheidsbeleid, uit zich door bezuinigingen op subsidies die met name in de cultuursector hebben plaatsgevonden. Ook zijn goede doelen negatief in de media gekomen, wat negatieve consequenties heeft voor de gehele sector. Bijvoorbeeld de affaire omtrent de Alpe d’ Huez heeft grote invloed gehad op de reputatie van goede doelen.

Kortom, de filantropische sector had het de afgelopen jaren moeilijk. Maar in hoeverre hebben de bovengenoemde tegenslagen doorgewerkt op het functioneren van goede doelen organisaties?

Geven in Nederland
Om deze vraag te beantwoorden, is het onderzoek ‘Geven in Nederland’ buitengewoon behulpzaam.  Dit onderzoek werd op 23 april gepresenteerd. Door de werkgroep Filantropische Studies wordt sinds 1995 het geefgedrag van huishoudens, individuen, fondsen, bedrijven en goede-doelenloterijen elke twee jaar in kaart gebracht en samengevoegd tot een macro-economisch overzicht. Dit onderzoek is uniek: slechts twee landen ter wereld brengen systematisch de omvang van filantropische geldstromen in kaart, namelijk de Verenigde Staten en Nederland.

Uit het onderzoek blijkt dat Nederlanders niet minder zijn gaan uitgeven aan goede doelen. Sinds 2011 is het geefgedrag nagenoeg stabiel. In 2013 werd 4,4 miljard euro aan goede doelen gegeven; in 2011 4,3 miljard euro. Een verrassende uitkomst want de sector had te kampen met de economische crisis en een dalend vertrouwen van Nederlanders in de goede-doelensector. Sinds 2006 is deze kenmerkende daling van vertrouwen waarneembaar. Het afnemende vertrouwen is volgens VU-hoogleraar Prosociaal gedrag René Bekkers een risico voor de filantropische sector. Dat mensen steeds minder vertrouwen hebben in de goededoelensector baart mij wel zorgen voor de lange termijn, Volgens Bekkers zijn goede opleidingen voor de filantropische sector en een nieuw validatiestelsel van cruciaal belang om vertrouwen behouden en weer te verkrijgen.

Uit het onderzoek bleek dat het percentage vrijwilligerswerk afneemt. Gesuggereerd wordt dat veel mensen stoppen met vrijwilligerswerk omdat zij mantelzorgtaken en informele hulp gaan geven aan hun nabije omgeving. De afname in vrijwilligerswerk is volgens Bekkers tevens zorgelijk omdat dit een bedreiging kan vormen voor de participatiesamenleving.

Middagprogramma
Na het plenaire ochtendprogramma, bestond het middagprogramma uit twee themabijeenkomsten De eerste bijeenkomst handelde over de beweegredenen van mensen om iets na te laten en over de vraag hoe kan er beter met nalatenschap worden omgegaan. Bij de tweede bijeenkomst stond de relatie tussen fondsen en vrijwilligerswerk centraal. Gedebatteerd werd over hoe beide vormen elkaar kunnen ondersteunen en hoe de vorm van vrijwillige besturen verbeterd kunnen worden.

Interessant aan deze bijeenkomsten was, dat mensen met verschillende achtergronden in gesprek met elkaar gingen. Mensen uit de praktijk, wetenschappers, lokale fondsen en vertegenwoordiging van de Vereniging NOV dachten samen na over hoe  de filantropische sector zich dient op te stellen in de huidige tijd. De bijeenkomsten gaven de mogelijkheid om te reflecteren op de onderzoeksresultaten die ’s ochtends waren gepresenteerd, en na te denken over concrete strategieën. De dag werd afgesloten met een plenaire discussie over de vraag hoe Nederland tegen de sector filantropie aankijkt. De plenaire discussie werd geleid door Felix Rottenberg.

Geconcludeerd werd dat de sector veerkrachtig is. Met name de giften van geld zijn veerkrachtig gebleken, zoals het onderzoek Geven in Nederland illustreert. Het vertrouwen in organisaties voor goede doelen is echter gering, en de sector zal zich moeten inspannen om dit vertrouwen te vergroten. Ook zal de sector het aantal actieve vrijwilligers moeten verhogen. De filantropische sector zal goed moeten samenwerken om de tegenslagen achter zich te laten en weer meer te gaan bloeien.

Eva de Jong studeert culturele antropologie en rechten aan de Vrije Universiteit. De afgelopen twee jaar maakte zij deel uit van de redactie van Standplaatswereld. In deze periode heeft zij verschillende stukken voor Standplaatswereld geschreven, zoals een stuk over de promotie van Donya Alinejad en een blog over haar ervaringen als uitwisselingsstudent in Los Angeles.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *