Door Ton Salman Op zaterdag 7 mei 2011 huwden 355 echtparen van indiaanse afkomst tegelijkertijd, in het coliseo cerrado, in het centrum van La Paz, Bolivia. Het was een kleurrijke en vrolijke bijeenkomst, opgeluisterd met muziek, een maaltijd, cocablaadjes-kauwen, oogverblindende indiaanse gewaden, rituelen door indiaanse yatiris en amautas, religieuze autoriteiten in de Andes, een theaterstuk en als klap op de vuurpijl de aanwezigheid van ’s lands president Evo Morales, als padrino van alle jonggehuwden. De huwenden waren afkomstig van 11 verschillende etnische groepen uit Bolivia.
Het was niet zomaar een ingeving om dat trouwen nu eens massaal te doen. Het was een statement. In het Bolivia van de eerste inheemse president van het land, Evo Morales, heeft de indiaanse erfenis een nieuw prestige verworven. Niet alleen wordt het indiaanse denken ingezet tegen het voormalige kapitalistische economische model van groei en accumulatie (en wordt in plaats daarvan een ‘economie van het genoeg’ en respect voor pachamama bepleit), ook op het culturele en religieuze vlak emancipeerden de indiaanse ‘gewoontes en gebruiken’. Deze huwelijksplechtigheid was niets meer of minder dan een ‘publieke verklaring’ dat vanaf nu ook etnische huwelijksrituelen zouden worden erkend en geëerd. Verder lezen





