Tagarchief: veldwerk

Joris Luyendijk over bankiers: het kan niet waar zijn

9200000028232044Door Freek Colombijn. Kan een antropoloog iets belangrijks opmerken over bankiers? Dat kan bijna niet waar zijn, want de doorsnee bankier en doorsnee antropoloog zijn ‘unlikely bedfellows’ en de financiële sector lijkt zo complex dat alleen topeconomen er iets van snappen. Alleen het sterk cijfermatige aspect ervan maakt het bankwezen al een ogenschijnlijk ongeschikt onderwerp voor antropologen, die bij het woord ‘economie’ eerder aan reciprociteit en kula-ring denken dan aan het Damrak of Wallstreet.

Toch was het een journalist met een PhD in Social Anthropology (van Cambridge University), Gillian Tett, die als een van de weinigen de financiële crisis van 2008 voorspelde. Door etnografisch onderzoek bij de J.P. Morgan bank ontdekte ze een bedrijfscultuur die volgens haar tot economisch ongefundeerde en gevaarlijke financiële producten leidde, die op hun beurt een ernstige economische crisis konden veroorzaken. Ze kreeg helaas gelijk.

Lees verder

Serieuze studenten

BEAMDoor Bonnie de Beer. Opgegroeid in Nederland en studerend aan de universiteit, dacht ik dat ik wist wat het betekende om een serieuze student te zijn. Er zijn genoeg mensen om me heen die studeren op nummer 1 hebben staan en heel erg ambitieus zijn. Maar dat was voordat ik met mijn veldwerk in Chiang Mai, het noorden van Thailand, begon bij een NGO genaamd BEAM (Bridging Educational Access for Migrants). Ieder jaar biedt BEAM de mogelijkheid aan vijftien tot dertig Birmese studenten een tweejarige opleiding te volgen, waarna ze hun GED (General Education Development) kunnen halen en in Thailand naar de universiteit kunnen gaan.

Maar zo makkelijk gaat dat allemaal niet, merkte ik al snel. Hoewel de studenten BEAM niet hoeven te betalen om lessen te volgen, hebben zij vrijwel allemaal hulp nodig van leraren en sponsoren om hun leven in Thailand te kunnen bekostigen en de GED te kunnen behalen. Ze komen namelijk allemaal uit arme gezinnen in Myanmar en hun ouders kunnen zelf niets bijdragen. Veel studenten wonen in gebouwen naast de school, waar zij een kamer met een tweepersoons bed en een klein badkamertje, zonder WiFi of warm water, met vier mensen delen. Studeren aan de universiteit kan alleen wanneer de studenten een beurs krijgen. De leraren die aan BEAM verbonden zijn helpen hen met het schrijven van de aanvraag voor een beurs. “You need to say that you plan to go back to Birma and help your community” is een zin die  steeds terug komt bij het schrijven van de aanvragen. De Thaise overheid geeft alleen beurzen aan migranten die beloven terug te gaan naar hun eigen land om daar hun landgenoten te helpen met de nieuw verkregen kennis. Lees verder

Ethiopië: beklemmende blikken

foto 2-1Door Jasmijn van Holsteijn. Een maand geleden vertrok ik naar Ethiopië. Het land dat bekend staat om haar rijke cultuur, trotse bevolking en eeuwenoude tradities. Het enige Afrikaanse land dat nooit gekolonialiseerd is, waar meer dan tachtig verschillende talen gesproken worden en mensen met verschillende religieuze achtergronden in vrede samenleven. Helaas is het ook het land waar dagelijks vele mensenrechten geschonden worden en  waar het sinds 2009 voor veel ngo’s niet meer toegestaan is om over mensenrechten te praten, laat staan er voor te strijden. Het land waar vrouwen ondergeschikt zijn aan mannen en waar juist de rechten van deze vrouwen veelal geschonden worden.  Als vrouw zijnde, geboren en opgegroeid in Nederland, maakte dit mij boos. Ik ben grootgebracht in een cultuur waar het idee bestaat dat vrouwen en mannen gelijk zijn en daarom ook gelijke rechten hebben. Een cultuur waarin vrouwen baas zijn over hun eigen leven, zelf beslissingen kunnen nemen en een eigen mening mogen hebben. Dit staat echter lijnrecht tegenover de heersende ideeën in Ethiopië. Als antropologe vroeg ik mij af waarom vrouwen in dit land een tweederangspositie innemen. En waarom is het zo moeilijk om de huidige situatie te veranderen?

Vol goede moed vertrok ik half januari naar Ethiopië. Hoewel ik met mijn masteronderzoek vooral inzicht in de eeuwenoude traditie vrouwenbesnijdenis hoopte te krijgen, was ik nieuwsgierig naar al het andere dat ik gedurende mijn veldwerk zou ontdekken. Mijn doel was vooral om mij zo goed mogelijk aan te passen aan de culturele context om zo in contact te komen met Ethiopiërs. Ik wilde al mijn zintuigen laten werken om mij te kunnen verplaatsen in hen. De eerste week werd ik overweldigd door nieuwe, en overwegend positieve indrukken. Ik vormde een eerste beeld van Ethiopië waarbij ik vooral onder de indruk was van de gastvrije, behulpzame en optimistische mensen die ik ontmoette. Met een positief gevoel vertrok ik vanuit de hoofdstad Addis Ababa naar een kleinere plaats in het noorden van het land waar ik mijn onderzoek uit zou gaan voeren. In dit plaatsje waren relatief weinig westerse invloeden te zien in vergelijking met de hoofdstad. Ik werd enthousiast en hoopte het ‘echte’ Ethiopië te gaan beleven. Wat ik mij echter niet gerealiseerd had voor aankomst, was dat het feit dat ik een vrouw ben van grote invloed kon zijn op het integreren in de samenleving en mijn gevoel van veiligheid. Lees verder

Congresverslag: integere antropologie (2)

Het studentenpanel

Het studentenpanel

Door Georgette Veerhuis m.m.v Laetitia Simorangkir
“Integriteit moet opnieuw uitgevonden worden’’ (Fridus Steijlen), “Wij zijn heel snel verlinkers’’ (Sabine Luning), “Constateren is niet gelijk een oplossing klaar hebben’’ (Wim Manahutu). Dit zijn slechts een aantal van de vele inspirerende uitspraken die vrijdag 13 juni gedaan werden tijdens het congres Integere Antropologie van de Antropologen Beroepsvereniging in Amsterdam. In verschillende panels werd gesproken over ethische kwesties binnen de antropologie, hierbij een korte impressie. Lees verder

Congresverslag: integere antropologie (1)

integere-antro Door Matthias Teeuwen
‘In die zin heb ik ook aan zelfplagiaat gedaan’ legt Sjaak van der Geest uit tijdens het Congres Integere Antropologie van de Antropologen Beroepsvereniging op 13 juni 2014. Om enigszins het beeld rond zelfplagiaat te nuanceren vertelt Van der Geest waarom hij uit eerder gepubliceerde artikelen van hem zelf kopieert en plakt in nieuwe artikelen die hij schrijft. Zeer logisch: als je een tweede artikel schrijft over een onderzoek dat je gedaan hebt, kan je het deel over methodologie van het eerste artikel zonder problemen in het tweede artikel plaatsen. Het betreft namelijk één onderzoek met één geheel aan methoden.

Dit werd besproken in het kader van integere antropologie. De openingsvoordracht door Tobias Kelly van de University of Edinburgh prikkelde om na te denken over wat integriteit eigenlijk inhoudt. Integriteit is het consequent vasthouden aan principes. Met het voorbeeld van conscientious objectors, jonge mannen die tijdens de Tweede Wereld Oorlog vanuit gewetensbezwaren niet in dienst van het leger wilden, toont hij aan wat voor mijnenveld de discussie over integriteit eigenlijk is. Immers, wat is integere antropologie? En was Van der Geest integer toen hij ‘zelfplagiaat’ pleegde?

In het panel Wie controleert de antropoloog? Een gesprek over facultaire richtlijnen en antropologische tactieken opende Janneke Verheijen van de Radboud Universiteit de discussie over integriteit en antropologische data door te vertellen waarom ze haar data online heeft gezet. Dit maakt het werk van een onderzoeker zeer transparant, wat bijdraagt aan het onderbouwen van de integriteit van de onderzoeker. Want een integer persoon doet wat hij zegt en zegt wat hij doet. Maar antropologische data zijn uniek in vorm en inhoud, ze zijn contextgebonden en gaan over mensen die belangen hebben. Ook Verheijen gaf toe dat ze enkele gegevens heeft moeten achterhouden om de privacy van haar respondenten te beschermen.

Er komen veel vragen naar boven bij antropologische data. Van wie zijn de data eigenlijk? Van de onderzoeker of van zijn respondenten? En hoe zit het met het anonimiseren van data? Dat kan maar tot op een zekere hoogte, want met een beetje moeite kan je vanuit de data uitvogelen wie de respondenten zijn. Dus ook al is het goed om meer transparantie in te voeren, binnen antropologisch onderzoek zitten er wel veel haken en ogen aan. Sommige onderzoekscentra hebben dataopslag-kluizen ontwikkeld waar geïnteresseerden alleen met toestemming bij mogen komen. Hierdoor worden data beschikbaar, maar blijft het wel privé? En aan wie geef je toegang? En hoeveel tijd moet er verstreken zijn na het onderzoek voordat data vrijgegeven worden?

Om bij te dragen aan een integere antropologieafdeling en om een schandaal à la de affaire Bax te voorkomen worden er veranderingen doorgevoerd in Antropologieafdelingen op universiteiten. Op de Radboud Universiteit Nijmegen moeten onderzoekers hun methodologie verantwoorden en deze verslagen worden opgeslagen en met steekproeven gecontroleerd. Op de antropologie-afdeling van de Vrije Universiteit Amsterdam is reeds het nodige ondernomen. Er zijn protocollen opgesteld rondom kwesties van waaraan onderzoek en onderzoeker, en data-opslag, moeten voldoen. Maar er is geen Ethics Review Board zoals op de Universiteit van Amsterdam. Op de VU zijn echter vertrouwenspersonen aangesteld aan wie verdenkingen kunnen worden voorgelegd. Vertrouwen is de sleutelwoord in de discussie rond integriteit in de antropologie. In een sfeer van vertrouwen zal je consequent vast kunnen houden aan je principes.

Matthias Teeuwen is nu derdejaars student Antropologie aan de VU.

De harde realiteit

Sekscomplex overdag. ’s Avonds zitten en staan de sekswerkers buiten te wachten op klanten.

Sekscomplex overdag. ’s Avonds zitten en staan de sekswerkers buiten te wachten op klanten.

Een derde veldwerkverslag van een masterstudent Culturele Antropologie. Leonie Timmer doet onderzoek naar Indonesische sekswerkers op Bali uit Indonesië; hoe ze omgaan met werkrisico’s en welke rol ze spelen bij het rekruteren van nieuwe sekswerkers Dit verslag is ook gepbuliceerd op de Vamos-Bien-site.

“En hoeveel verdien je per klant?” vraag ik de 36-jarige sekswerker. Ze antwoord mij dat ze voor een ‘short term’ 50.000 Rupiah verdient, dat is omgerekend zo’n drie euro. Ik probeer haar niet te laten merken dat ik geschrokken ben van het lage bedrag. Ze staat in de deur opening van een klein, met golfplaten in elkaar gezet, bordeel. Constructiewerkers komennaar de kleine bordelen achter de bouwplaats voor seksuele diensten. Ze vertelt mij dat sommige mannen hier komen om een kopje koffie te drinken en wat rond te hangen. Alcohol verkopen ze niet, want ze willen het wel veilig houden. Ik kijk om me heen en zie het keukentje wat bestaat uit een kookpit en een koelkast. De ‘mammy’ staat in de keuken en praat met een van de mannen die buiten staat en ze drinken een kop koffie. Aan de andere kant is een smal gangetje naar de kamers toe. Er zijn drie kamertjes met een matras op de grond en een ton water om te douchen. De kamers hebben geen raam of ventilatie en airco is al helemaal niet aanwezig. De geur in het huis is zo muf dat ik er naar een kwartier al hoofdpijn van krijg en het enige licht in het huisje komt van de lamp in de keuken. De kamers en het gangetje zijn donker en de kamers zijn enkel afgesloten met een doek in de openingen waar je een deur verwacht. Lees verder

Informant en vriend: dilemma’s uit het veld

Uganda Door Renske den Uil
Tijdens je veldwerk doe je veel contacten op, contacten die van cruciaal belang zijn voor het verloop van je onderzoek. Wellicht is het de sociaal aangelegde antropoloog eigen, wellicht is het de sociale inslag in mijzelf, maar tijdens mijn veldwerk in Uganda vorig jaar heb ik met veel informanten een diepe band ontwikkeld. Bijzondere vriendschappen, maar vriendschappen die soms ook tricky kunnen zijn, want of ik het wil of niet: de verhoudingen in mijn onderzoek tussen mij en mijn informanten, op basis van achtergrond en kansen in het leven, liggen toch scheef. Al tijdens mijn onderzoek ondervond ik hiervan de gevolgen: informanten die mij vroegen een sponsor voor hen te zoeken in Nederland of anders wellicht een rijke blanke vriendin. Lastige vragen, maar vragen die ik toen toch vrij makkelijk kon beantwoorden met: “Sorry, dat kan ik niet voor je regelen”. Maar wat als dit soort vragen wel heel duidelijk van levensbelang lijken te worden?  Lees verder