Tagarchief: veldwerk

Congresverslag: integere antropologie (2)

Het studentenpanel

Het studentenpanel

Door Georgette Veerhuis m.m.v Laetitia Simorangkir
“Integriteit moet opnieuw uitgevonden worden’’ (Fridus Steijlen), “Wij zijn heel snel verlinkers’’ (Sabine Luning), “Constateren is niet gelijk een oplossing klaar hebben’’ (Wim Manahutu). Dit zijn slechts een aantal van de vele inspirerende uitspraken die vrijdag 13 juni gedaan werden tijdens het congres Integere Antropologie van de Antropologen Beroepsvereniging in Amsterdam. In verschillende panels werd gesproken over ethische kwesties binnen de antropologie, hierbij een korte impressie. Lees verder

Congresverslag: integere antropologie (1)

integere-antro Door Matthias Teeuwen
‘In die zin heb ik ook aan zelfplagiaat gedaan’ legt Sjaak van der Geest uit tijdens het Congres Integere Antropologie van de Antropologen Beroepsvereniging op 13 juni 2014. Om enigszins het beeld rond zelfplagiaat te nuanceren vertelt Van der Geest waarom hij uit eerder gepubliceerde artikelen van hem zelf kopieert en plakt in nieuwe artikelen die hij schrijft. Zeer logisch: als je een tweede artikel schrijft over een onderzoek dat je gedaan hebt, kan je het deel over methodologie van het eerste artikel zonder problemen in het tweede artikel plaatsen. Het betreft namelijk één onderzoek met één geheel aan methoden.

Dit werd besproken in het kader van integere antropologie. De openingsvoordracht door Tobias Kelly van de University of Edinburgh prikkelde om na te denken over wat integriteit eigenlijk inhoudt. Integriteit is het consequent vasthouden aan principes. Met het voorbeeld van conscientious objectors, jonge mannen die tijdens de Tweede Wereld Oorlog vanuit gewetensbezwaren niet in dienst van het leger wilden, toont hij aan wat voor mijnenveld de discussie over integriteit eigenlijk is. Immers, wat is integere antropologie? En was Van der Geest integer toen hij ‘zelfplagiaat’ pleegde?

In het panel Wie controleert de antropoloog? Een gesprek over facultaire richtlijnen en antropologische tactieken opende Janneke Verheijen van de Radboud Universiteit de discussie over integriteit en antropologische data door te vertellen waarom ze haar data online heeft gezet. Dit maakt het werk van een onderzoeker zeer transparant, wat bijdraagt aan het onderbouwen van de integriteit van de onderzoeker. Want een integer persoon doet wat hij zegt en zegt wat hij doet. Maar antropologische data zijn uniek in vorm en inhoud, ze zijn contextgebonden en gaan over mensen die belangen hebben. Ook Verheijen gaf toe dat ze enkele gegevens heeft moeten achterhouden om de privacy van haar respondenten te beschermen.

Er komen veel vragen naar boven bij antropologische data. Van wie zijn de data eigenlijk? Van de onderzoeker of van zijn respondenten? En hoe zit het met het anonimiseren van data? Dat kan maar tot op een zekere hoogte, want met een beetje moeite kan je vanuit de data uitvogelen wie de respondenten zijn. Dus ook al is het goed om meer transparantie in te voeren, binnen antropologisch onderzoek zitten er wel veel haken en ogen aan. Sommige onderzoekscentra hebben dataopslag-kluizen ontwikkeld waar geïnteresseerden alleen met toestemming bij mogen komen. Hierdoor worden data beschikbaar, maar blijft het wel privé? En aan wie geef je toegang? En hoeveel tijd moet er verstreken zijn na het onderzoek voordat data vrijgegeven worden?

Om bij te dragen aan een integere antropologieafdeling en om een schandaal à la de affaire Bax te voorkomen worden er veranderingen doorgevoerd in Antropologieafdelingen op universiteiten. Op de Radboud Universiteit Nijmegen moeten onderzoekers hun methodologie verantwoorden en deze verslagen worden opgeslagen en met steekproeven gecontroleerd. Op de antropologie-afdeling van de Vrije Universiteit Amsterdam is reeds het nodige ondernomen. Er zijn protocollen opgesteld rondom kwesties van waaraan onderzoek en onderzoeker, en data-opslag, moeten voldoen. Maar er is geen Ethics Review Board zoals op de Universiteit van Amsterdam. Op de VU zijn echter vertrouwenspersonen aangesteld aan wie verdenkingen kunnen worden voorgelegd. Vertrouwen is de sleutelwoord in de discussie rond integriteit in de antropologie. In een sfeer van vertrouwen zal je consequent vast kunnen houden aan je principes.

Matthias Teeuwen is nu derdejaars student Antropologie aan de VU.

De harde realiteit

Sekscomplex overdag. ’s Avonds zitten en staan de sekswerkers buiten te wachten op klanten.

Sekscomplex overdag. ’s Avonds zitten en staan de sekswerkers buiten te wachten op klanten.

Een derde veldwerkverslag van een masterstudent Culturele Antropologie. Leonie Timmer doet onderzoek naar Indonesische sekswerkers op Bali uit Indonesië; hoe ze omgaan met werkrisico’s en welke rol ze spelen bij het rekruteren van nieuwe sekswerkers Dit verslag is ook gepbuliceerd op de Vamos-Bien-site.

“En hoeveel verdien je per klant?” vraag ik de 36-jarige sekswerker. Ze antwoord mij dat ze voor een ‘short term’ 50.000 Rupiah verdient, dat is omgerekend zo’n drie euro. Ik probeer haar niet te laten merken dat ik geschrokken ben van het lage bedrag. Ze staat in de deur opening van een klein, met golfplaten in elkaar gezet, bordeel. Constructiewerkers komennaar de kleine bordelen achter de bouwplaats voor seksuele diensten. Ze vertelt mij dat sommige mannen hier komen om een kopje koffie te drinken en wat rond te hangen. Alcohol verkopen ze niet, want ze willen het wel veilig houden. Ik kijk om me heen en zie het keukentje wat bestaat uit een kookpit en een koelkast. De ‘mammy’ staat in de keuken en praat met een van de mannen die buiten staat en ze drinken een kop koffie. Aan de andere kant is een smal gangetje naar de kamers toe. Er zijn drie kamertjes met een matras op de grond en een ton water om te douchen. De kamers hebben geen raam of ventilatie en airco is al helemaal niet aanwezig. De geur in het huis is zo muf dat ik er naar een kwartier al hoofdpijn van krijg en het enige licht in het huisje komt van de lamp in de keuken. De kamers en het gangetje zijn donker en de kamers zijn enkel afgesloten met een doek in de openingen waar je een deur verwacht. Lees verder

Informant en vriend: dilemma’s uit het veld

Uganda Door Renske den Uil
Tijdens je veldwerk doe je veel contacten op, contacten die van cruciaal belang zijn voor het verloop van je onderzoek. Wellicht is het de sociaal aangelegde antropoloog eigen, wellicht is het de sociale inslag in mijzelf, maar tijdens mijn veldwerk in Uganda vorig jaar heb ik met veel informanten een diepe band ontwikkeld. Bijzondere vriendschappen, maar vriendschappen die soms ook tricky kunnen zijn, want of ik het wil of niet: de verhoudingen in mijn onderzoek tussen mij en mijn informanten, op basis van achtergrond en kansen in het leven, liggen toch scheef. Al tijdens mijn onderzoek ondervond ik hiervan de gevolgen: informanten die mij vroegen een sponsor voor hen te zoeken in Nederland of anders wellicht een rijke blanke vriendin. Lastige vragen, maar vragen die ik toen toch vrij makkelijk kon beantwoorden met: “Sorry, dat kan ik niet voor je regelen”. Maar wat als dit soort vragen wel heel duidelijk van levensbelang lijken te worden?  Lees verder

Time to look at girls: Migratie in en uit Ethiopië

Uitzicht 1 001Door Marina de Regt. In de nacht van zaterdag op zondag ben ik in Addis Abeba aangekomen om aan een nieuw onderzoeksproject te beginnen. Na een lange vlucht via Istanbul, verlangend naar een bed, werd ik in een gammele taxi van het vliegveld naar hotel Green Valley gereden om er daar achter te komen dat mijn hotelkamer pas ’s ochtends om 7.00 uur gereed zou zijn. In Ethiopië begint de dag niet om middernacht, zoals bij ons, maar om 6.00 uur ’s ochtends! Zondag 9 februari was daarom nog niet aangebroken. Gelukkig was er een kamer vrij in een nabijgelegen hotel, alleen was die twee keer zo duur. De volgende ochtend ben ik naar Green Valley verhuisd, en heb me tevreden geïnstalleerd in een kamer op de vierde verdieping met uitzicht over… nee, niet over een groene vallei maar wel over de stad, met zijn golfplaten huizen, vele bomen, en groene heuvels.

In tegenstelling tot wat velen denken is Ethiopië geen grote woestijn, en is het er niet altijd en overal bloedheet. Addis Abeba, letter Nieuwe Bloem, ligt op 2000 meter hoogte en heeft een heerlijk klimaat: het grootste deel van het jaar is het overdag rond de 25 graden en ’s nachts tien graden lager. Alleen in het regenseizoen, in de zomermaanden juli en augustus, is het kouder en natter. Ethiopië is daardoor ook heel groen: overal zijn bomen en groene vlaktes. De hongersnoden die vaak zo prominent in de media komen vinden slechts in bepaalde delen van het land plaats. Natuurlijk betekent dat niet dat Ethiopië een rijk land is: het is een van de armste landen van Afrika en dat is, onder anderen, te zien aan de bedelaars op straat, de golfplaten winkeltjes en werkplaatsjes en de gammele busjes en taxis. Het krioelt overal van de mensen; de bevolkingsgroei is enorm en velen trekken naar de stad op zoek naar werk. Lees verder

Wat hebben een loods op de Nederlandse hei en een café in Sarajevo met elkaar gemeen? Over de realisatie van een Heterotopia in het dromen over Utopia.

Een alternatief café in Sarajevo. Foto: Gerwin Peelen

Een alternatief café in Sarajevo. Foto: Gerwin Peelen

Door Gerwin Peelen. Terwijl ik in Sarajevo zit ontspint zich in mijn thuisland een nieuwe tv-serie: Utopia. Vijftien mensen worden op een afgelegen terrein gezet en mogen hun eigen, ideale, wereld creëren. Het klinkt als een sociologisch experiment. Helaas is het een tv-serie en moeten er dus wat spelelementen in worden gestopt wat de academische waarde van het experiment teniet doet. Bovendien laat de dagelijkse uitzending ons maar een deel zien: wat is in scene gezet en wat wordt weggelaten? Niemand zit te wachten op een integrale uitzending van een potje Rummikub. De serie is een paar weken onderweg en er hebben al redelijk veel verbale confrontaties tussen de deelnemers plaatsgevonden. De ingebouwde eliminaties zorgen bovendien voor een politiek steekspel. De intro van het programma geeft aan dat er geen regels zijn maar het is bijna ondenkbaar dat er in het geheel geen democratisch element inzit. Het zou tot behoorlijk wat commotie leiden als één persoon een dictatuur vormt en vervolgens het monopolie van geweld uitoefent op de andere kandidaten. Dus helemaal vanaf nul zullen de deelnemers niet beginnen. Lees verder

Hoe overleef ik een geprezen masterthesis?

moos75_n

Door Moos Pozzo. Voor mijn masterscriptie Culturele Antropologie draaide ik afgelopen jaar een paar maanden mee in het dagelijkse leven van jonge asielzoekers in Nederland. Ik kwam onder meer tot de conclusie dat voor de jongeren participatie, of ‘actief blijven’ zoals zij het uit drukken, een basisbehoefte is om zich staande te houden in dagelijks zeer onzekere omstandigheden. Ze zien zich echter gedwongen tot passiviteit en voelen zich gemarginaliseerd en uitgesloten. Het Nederlandse ontmoedigingsbeleid lijkt er voor te zorgen dat veel jonge asielzoekers juist meer verlangen naar een verblijfsvergunning. Zij zien een vergunning  namelijk als enige mogelijkheid om nuttige activiteiten te ontplooien.

Er is nog veel werk te verzetten voordat het recht op participatie (artikel 12 van het VN-Kinderrechtenverdrag) en het recht op recreatie (artikel 31 van het VN-Kinderrechtenverdrag) gerealiseerd zijn voor kinderen op asielzoekerscentra. Tegelijkertijd zijn de jongeren zeer sceptisch over het hebben van rechten. Ze zijn gericht op hun toekomst en zien een mogelijke positieve uitkomst van hun asielprocedure als ‘een kwestie van geluk’. Lees verder