Een dagje vasten

 

Door Mayke de Cock Donderdagnacht, 9 juli 2014, 01.00: ik baal als een stekker. Het Nederlands elftal ligt uit het wereldkampioenschap voetbal. Met een aantal in het oranje gekleurde vrienden zitten we in mijn oranje gekleurde woonkamer, allemaal kijken we verslagen voor ons uit. Wat een fantastische avond had kunnen worden, eindigt in een enorme domper. Mijn huisgenoot, een niet-moslima die de hele Ramadan vast, dwingt mij nog een kop soep naar binnen te werken. Om 03.00 de wekker zetten om nog wat te eten en te drinken zien we allebei niet zitten. Met heel veel tegenzin werk ik de soep naar binnen en sla ik nog een aantal glazen water achterover. Een flesje water zet ik naast mijn bed. Als ik voor 03.00 nog wakker ben, kan ik hier nog wat van drinken. Ik vind het onzin, want ’s avonds en ’s nachts veel water drinken staat garant voor een groot aantal toiletbezoeken gedurende de nacht. Maar volgens mijn huisgenoot zal ik haar de volgende dag dankbaar zijn, dus doe ik braaf wat ze zegt. De reden voor dit alles: ik zou op 10 juli een dag meevasten met degenen die aan de ramadan deelnemen.

Ik kan niet slapen vanwege de enorme WK-domper, dus kan inderdaad nog één en ander drinken. Als ik toch in slaap ben gevallen en nog wakker word, heb ik dorst. Ik kijk op mijn telefoon en zie dat het 03.15 is. Helaas! Mijn dagje vasten is nu officieel begonnen.

Om half 10 gaat mijn wekker. Ik stap onder de douche, voel zo nu en dan wat water mijn mond inlopen en spuug het snel uit. Zo ook als ik mijn tanden poets. Tot aan het dwangmatige toe. Maar als ik iets doe, wil ik het goed doen. Aan het einde van de dag wil ik trots op mezelf kunnen zijn en vals spelen is niet iets wat hierbij past. Ik doe ’s ochtends in de snikhete zon wat inkopen voor een bruiloft waar ik morgen naartoe ga en het valt me op hoe weinig last ik heb van het feit dat ik nog niks gegeten en gedronken heb. Ik sta hier oprecht van te kijken, ik had niet verwacht dat ik ook zonder ontbijt en kopje thee op gang zou kunnen komen. Tegen het einde van de ochtend begint mijn maag wat te knorren, maar mijn mond voelt nog steeds niet droog aan.

De middag besteed ik aan het schrijven van mijn masterscriptie en aan het oefenen van het lied dat ik de volgende dag op de bruiloft ten gehore ga brengen. Ik heb zeeën van tijd nu ik niks eet en drink, maar merk dat het me meer moeite begint te kosten om me te concentreren. Ik krijg steeds minder energie, wat ik vooral voel in mijn ogen, die moe beginnen te worden. De tekst en akkoorden van het lied krijg ik maar niet in mijn hoofd, en het lukt me niet om een goed verhaal voor mijn scriptie op papier te krijgen.

Tegen het einde van de middag komt mijn huisgenoot thuis. Die heeft zoals elke dag nergens last van, ze heeft de hele dag keihard in de zon gewerkt en voelt zich enkel wat vies. Honger en dorst heeft ze niet en haar humeur lijkt er absoluut niet onder te lijden. We gaan op weg naar de supermarkt, waar we inkopen gaan doen voor de grote buurt-iftar (de maaltijd waarmee na zonsondergang het vasten wordt beëindigd) van vanavond waar wij ook een bijdrage aan leveren. Vorig jaar organiseerden wij, via het VoorUit Project, deze en was het een groot succes. Met name de door ons gebakken pannenkoeken konden door de aanwezigheid van veel kinderen op veel waardering rekenen, en dus hebben wij besloten om ook dit jaar pannenkoeken te bakken.

In het buurthuis waar de iftar plaats zal vinden, wordt al gekookt. Een aantal Surinaamse vrouwen is al druk bezig met de Surinaamse rijst en de loempia’s. Om een uur of zeven arriveert een groep Marokkaanse vrouwen. De geur van loempia’s maakt plaats voor de geur van harira en zelfgemaakte donuts. Wij bakken onze pannenkoeken ernaast. Het makkelijkste gerecht van de avond, maar wel een gerecht waarmee wij ons ongetwijfeld mateloos populair gaan maken. Door de gezelligheid met alle koks voel ik de energie langzaam in mijn lichaam terugkomen. De Marokkaanse vrouwen zijn vol bewondering dat ik écht een dagje mee vast. Zij kwamen eerder met het idee, maar dachten geloof ik niet echt dat het me zou lukken. Ik moet dan ook zweren dat ik echt niks heb gegeten en gedronken en uiteindelijk geloven ze me. Trots vertellen ze dit tegen hun familie en vrienden.

Een Iraakse man die salade zal maken en köfte zal bakken komt vervolgens de keuken in. Er ontstaat wat onrust, de vrouwen moeten de aanwezigheid van een man in de keuken blijkbaar even verwerken. Ze zeggen daarna dat ze liever apart hadden gekookt, omdat zij altijd alles gescheiden doen. Tja, ik weet niet goed wat ik hiermee moet en laat het maar een beetje van me afglijden. Een uurtje later betrap ik de vrouwen erop dat ze de man aan het helpen zijn met hun salade, erg leuk om te zien. Waar ze eerst vol wantrouwen deze man gadesloegen, lijkt er nu zelfs enige vorm van samenwerking te zijn ontstaan. Een vrouw die eerst buiten de keuken bleef vanwege zijn aanwezigheid is zich toch ook maar met de salade gaan bemoeien. Ik kan hier alleen maar van genieten. Ik begin wat bij het koken te zingen, zoals ik wel vaker doe. Mijn huisgenoot komt naar me toe en zegt dat ik dat toch beter niet kan doen, het is Ramadan. Ik antwoord dat ik geen moslima ben en dat men me maar moet accepteren zoals ik ben. We zijn in een openbaar buurthuis en rekening houden met elkanders geloof en cultuur vind ik belangrijk, maar dat geldt voor beide kanten.

Om half 10 ben ik er wel klaar mee. Een glaasje appelsap met een kop harira lijkt me heerlijk. Het buffet staat klaar en de soep wordt in koppen geschonken. Ik snapte nooit dat vastende mensen een half uur naar hun eten zaten te kijken voordat ze met eten beginnen. Waarom jezelf zo martelen, dacht ik altijd. Nu begrijp ik dit wat beter. Ik heb geen knorrende maag en ben nog lang niet uitgedroogd, dus het is geen marteling om naar al dit eten te kijken. Ik ben vooral toe aan wat energie, wat ‘benzine’, zoals één van de Marokkaanse vrouwen dit noemt.

Om 22.10 drink ik mijn eerste slokje appelsap, een groot genot. Ik ben wat later begonnen, omdat de soep nog niet voor iedereen opgeschept was. Ik vind dit geen probleem en snap niks van alle paniek bij mensen om stipt om 22.03 te eten. Die paar extra minuten maken me niks uit, ik vind het belangrijker dat alle gasten wat te eten hebben. Ik eet niet meer dan ik normaal zou doen en vind het prima zo. Ik drink thuis nog een kop thee en ga voldaan naar bed. Mijn dagje vasten zit erop, en met succes.

Het gemak van het dagje vasten heeft me erg verbaasd. Mijn lichaam heeft blijkbaar lang niet zoveel eten en drinken nodig als ik altijd dacht. Hiernaast verbaas ik me over de zeeën van tijd die ik ineens heb. Eten en drinken kost me altijd veel tijd en is ook altijd een dankbaar excuus om even een pauze te nemen van mijn studiewerkzaamheden. Gedurende de dag had ik best wat willen eten en daarbij dacht ik vooral aan licht eten, zoals salades. Ik leer van deze dag dat ik normaliter een hoop onzinnige dingen eet en neem me voor hier in het vervolg iets bewuster mee om te gaan. Iets minder eten is goed voor de wereld, goed voor de wereldbevolking en volgens mij ook goed voor mezelf. Nog een dagje vasten zal ik niet snel doen, maar ik hoop dat ik deze lessen niet snel vergeet. De volgende ochtend ontbijt ik vast met een boterham minder.

Mayke de Cock voltooide vorig jaar de bachelor Culturele Antropologie en Ontwikkelingssociologie aan de VU. Op dit moment studeert zij Maatschappelijke Opvoedingsvraagstukken aan de Universiteit Utrecht.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertisements

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s