Onverwachts bezoek: aangename verrassingen tijdens het veldwerk

Door Mariska van Zanten            Met haar dochter van zes jaar oud bezocht moeder S. het Early Assesment Center in Nairobi. Ze wilde doorverwezen worden naar een goede school voor haar slechthorende dochter. De dag dat moeder S. daar langskwam was ik aan het participerend observeren en ik hoopte zo een goed beeld te krijgen van de geboden hulp aan ouders van dove en slechthorende kinderen. Ook was ik op zoek naar ouders die ik mocht interviewen en thuis bezoeken. Ik wilde de ervaringen van deze ouders in Kenia onderzoeken. Ik zou ouders onder andere een voorlichtingsfilm laten zien om data te verzamelen terwijl ik tegelijkertijd de impact van deze film onderzocht. Lees verder

De tolk als tolkgebruiker: de inzet van een gebarentaaltolk in Kenia

Dit artikel verscheen eerder in het Vakblad over Tolken gebarentaal in Nederland, en is hier gepubliceerd met toestemming.

Tolk bereidt zich voor

Door Mariska van Zanten     In 2013 vertrok ik voor mijn afstudeeronderzoek voor de VU master Sociale en Culturele Antropologie drie maanden naar Kenia om onderzoek te doen onder ouders van dove kinderen. Geschat wordt dat 90-95% van de dove kinderen niet naar school gaat in Kenia. Ouders spelen een belangrijke rol met betrekking tot het (niet) naar school sturen van hun dove kind. Toch zijn er ouders die hun dove kinderen wél naar school sturen. Dus was ik benieuwd naar de verhalen, ervaringen en beweegredenen van deze ouders.

Uiteraard had ik mij terdege voorbereid: Ik had van te voren al diverse contacten gelegd en ik regelde privé lessen Keniaanse Gebarentaal (KSL). Ondanks deze voorbereidingen was ik mij er van bewust dat het onmogelijk zou zijn om interviews in KSL te kunnen afnemen. Als tolk Nederlandse gebarentaal zou ik dus zelf gebruik maken van een KSL tolk. Het voelde als de omgekeerde wereld. De KSL tolk die drie maanden lang regelmatig met mij mee zou gaan, tolkte tussen KSL en gesproken Engels en/of Swahili. Zo veranderde mijn rol van tolk naar die van tolkgebruiker. Interessant, leerzaam en verwarrend.

Lees verder

Unilever Researchprijs voor thesis over Marokkaanse vrouwen en chronische pijn

Emmaly Berghuis    Op 27 november heb ik samen met twaalf andere studenten van Nederlandse universiteiten de Unilever Research prijs in ontvangst mogen nemen voor mijn masteronderzoek naar chronische pijn onder Marokkaanse vrouwen. Op de feestelijk verzorgde middag in het hoofdgebouw van Unilever in Vlaardingen hielden we posterpresentaties en kwam minister Jet Bussemaker van Onderwijs langs om ons toe te spreken.

Emmaly met haar begeleiders Edien Bartels (l) en Ina Keuper (r). © Nanning Barendsz

 

 

Over het veldwerk heb ik al verslag gedaan op Standplaatswereld. Mijn onderzoek ging over Marokkaanse vrouwen met pijn waarvan de oorzaak onduidelijk is. Vaak is dit pijn in de nek, schouders, rug, knieën en/of voeten. Deze vrouwen zijn ondervertegenwoordigd in therapieën en haken ook geregeld af met behandeling. Ik ben nagegaan hoe migrantenvrouwen betekenis geven aan chronische pijn vanuit een transnationaal perspectief. Daarmee bedoel ik dat deze vrouwen op heel wezenlijke, praktische of emotionele manieren verbonden zijn met meerdere leefwerelden die sterk kunnen verschillen. Ze onderhouden dagelijks contact met familie in het thuisland, door naar hun zorgen te luisteren, geld te sturen, of door daar op vakanties te gaan. Als migrante uit Marokko zoek je betekenis vanuit deze voor anderen min of meer gescheiden leefwerelden. Hoe zoeken migrantenvrouwen naar betekenis als het gaat om chronische pijn? In de verschillende leefwerelden bestaan eigen regels en verwachtingen ook ten aanzien van pijn. De conclusie van mijn onderzoek was dat ‘pijngedrag’ te maken heeft met het voortdurend navigeren tussen meerdere opvattingen over pijn uit verschillende leefwerelden.

Lees verder

Vrouwen met een eerste kind – Hoe voeden zij op?

Door Mieke Jakobs    Ter afronding van de Master Sociale en Culturele Antropologie aan de Vrije Universiteit heb ik onderzoek gedaan naar vrouwen die voor het eerst moeder zijn (‘first-time mothers’). Hierbij richtte ik me op hoger opgeleide moeders met een kind in de leeftijd van 0 t/m 3 jaar, woonachtig in Nederland. Ik was erg benieuwd naar hoe zij bepalen wat goede opvoeding is, en hoe zij dit invullen in de praktijk. Over het algemeen wil toch iedere moeder het beste voor haar kind?! Maar wat is dan dit beste? Hoe bepalen zij dit? En hoe verkrijgen ze deze kennis?

spw fotoIn de politiek, door vele instellingen, maar ook door de mondige burger, wordt een directe link gelegd tussen maatschappelijke problemen (bijvoorbeeld criminele jeugd) en opvoeding. Zicht krijgen op hoe moeders hun ideaal (‘het beste voor hun kind’) invullen in de praktijk, en hoe zij hun kennis hierover vergaren, lijkt me hierom relevant. Dit onderzoek kan deze instellingen en de overheid enig inzicht verschaffen. Lees verder

A master student’s shitty first drafts

Door Zeger Polhuis  

In the first week of April my fellow students in the master Social and Cultural Anthropology returned from their three months of fieldwork abroad. I was one of the students who stayed in the Netherlands for fieldwork ‘at home’. I look back on three months of research on the experiences of Indian medical professionals in the Netherlands, and simultaneously look forward to the last interviews that I have scheduled for the coming weeks.

After having conducted most of my research, I had a muddling mass of data, information, and personal experiences. I had visited and interviewed doctors of Indian origin in various places in the Randstad area. I did not know, though, if there were any Indian nurses in the country. I knew that there had been nurses on temporary contracts, but did not know if they were still around or had already returned to India. During the celebration of the Indian Republic Day in Amstelveen, I met someone who knew one nurse from India, and then one contact led to one other. After that, contacts multiplied, and I heard about, and met nurses who were still living and working in a number of cities. I conducted interviews and attended Sunday mass with some of them a number of times. Now I have a pile of notes about my observations and experiences, and a bunch of audio recordings of the interviews, many of which I still have to transcribe. This I have to craft, together with scientific literature, newspaper articles and my own academic reflections, into a meaningful and valuable thesis.

Slowly and painfully, I try to get back into the rhythm of classes, handing in assignments, and reading textbooks. As I am halfway through reading Anne Lamott’s essay ‘Shitty first drafts’ in our textbook on fieldwork, I feel the urge to write – but it doesn’t happen. The essay by Anne Lamott, who is a writer, is great – it is well-written, funny, but also reassuring: reassuring that there are other people like me who, well, suck, and are screwed up. Lamott explains in a cheerful way how first drafts are always crappy one way or another – but we have to write them in order to learn how to write good stuff. During the next few weeks, I will conduct some more research to fill in a few gaps and answer some more questions, and I really have to get my transcribing done. At the same time, though, I will have to start with writing some assignments, fragments of drafts for my thesis. As I will be writing, and even now as I am sitting at a table in my house writing this, I imagine a lot of people watching me, looking over my shoulder: my supervisor and teachers, my fellow students, the people I met and interviewed, the people who did not respond or whom I did not get to meet, friends, God, the scholarly saint Thomas Aquinas, while outside saint Francis of Assisi is hanging around in the Vondelpark, preaching to the birds while sunbathing, and barbequing with cool people from Amsterdam South-East. And here I am, inside, writing. Shitty first drafts. Let’s get it over with.

Zeger Polhuijs, student in the master Social and Cultural Anthropology

Marokkaanse vrouwen en de oorzaken van chronische pijn

Een tweede veldwerkverslag van de masterstudenten, dit keer uit Nederland. En ook dit keer overgenomen van de Vamos-Bien-site. Emmaly Berghuis doet onderzoek naar het verschijnsel van chronische pijn onder Marokkaanse vrouwen.

Door Emmaly Berghuis   Terwijl ik in de leefwereld van mijn informanten duik–grotendeels Marokkaanse vrouwen– leer ik misschien nog wel het meest door zelf een soort migrant te zijn in hun wereld. Ik geniet van lekker Marokkaans eten en gezelligheid in de moskee en bij de vrouwencentra. Ik heb nu een paar keer Arabisch les gehad bij iemand thuis. Ik merk dan de frustratie en tegelijkertijd de voldoening van het leren van een vreemde taal en schrift. Ook heb ik iets geproefd van het moeten aanpassen aan een samenleving die niet is ingesteld op jouw gewoontes. Zo was ik mee met een uitje naar het Leidse Volkenkunde museum naar de tentoonstelling over de hadj naar Mekka. Uitrustend in de lounge rond het middag uur kwam er een discussie in het Arabisch. Na een tijdje legde iemand aan mij uit dat het tijd voor gebed was en dat de discussie ging over waar dat te doen en over de zon en welke kant op het oosten was. Dingen waar ik me normaal niet mee bezighoud maar voor hen een heel gewoon deel van elke dag.

Lees verder

Hoe overleef ik een geprezen masterthesis?

moos75_n

Door Moos Pozzo. Voor mijn masterscriptie Culturele Antropologie draaide ik afgelopen jaar een paar maanden mee in het dagelijkse leven van jonge asielzoekers in Nederland. Ik kwam onder meer tot de conclusie dat voor de jongeren participatie, of ‘actief blijven’ zoals zij het uit drukken, een basisbehoefte is om zich staande te houden in dagelijks zeer onzekere omstandigheden. Ze zien zich echter gedwongen tot passiviteit en voelen zich gemarginaliseerd en uitgesloten. Het Nederlandse ontmoedigingsbeleid lijkt er voor te zorgen dat veel jonge asielzoekers juist meer verlangen naar een verblijfsvergunning. Zij zien een vergunning  namelijk als enige mogelijkheid om nuttige activiteiten te ontplooien.

Er is nog veel werk te verzetten voordat het recht op participatie (artikel 12 van het VN-Kinderrechtenverdrag) en het recht op recreatie (artikel 31 van het VN-Kinderrechtenverdrag) gerealiseerd zijn voor kinderen op asielzoekerscentra. Tegelijkertijd zijn de jongeren zeer sceptisch over het hebben van rechten. Ze zijn gericht op hun toekomst en zien een mogelijke positieve uitkomst van hun asielprocedure als ‘een kwestie van geluk’. Lees verder

Intimiteit in de zorg

bejaaarde met hondDoor Georgette Veerhuis  Vergrijzing en verzorgingsinstellingen zijn niet direct thema’s die eerstejaarsstudenten antropologie aanspreken. Toch besloot ik in februari samen met vijf medestudentes een klein onderzoek te doen naar intimiteit in de zorg. We wilden onderzoeken hoe intimiteit werd ervaren door zowel de zorgverlener (verzorgers in de thuiszorg of in een verzorgingstehuis) als de zorgontvanger (ouderen boven de 65 jaar), en of deze intieme relatie werd beïnvloed door etniciteit, gender en leeftijd (en eventuele overige factoren). Het concept intimiteit was in ons paper sterk gerelateerd aan het concept intimacy labor, dat refereert aan werk waarbij lichamelijke of emotionele nabijheid en persoonlijk contact centraal staan. Hierdoor kan een relatie ontstaan die intiemer is dan andere arbeidsrelaties.

Waarom kozen we voor dit onderwerp? De zorg is een belangrijk onderdeel van de Nederlandse verzorgingsstaat en maakt de samenleving mogelijk zoals die nu is. Maar deze drie facetten, de zorg, verzorgingsstaat en de samenleving, zijn aan het veranderen. Deze verandering is zichtbaar sinds de jaren ’90, wanneer de meeste westerse samenlevingen een sterk individualiseringsproces doormaken, waardoor er een grote nadruk kwam te liggen op de eigen verantwoordelijkheid en zelfstandigheid van hun inwoners. Als gevolg blijken ook ouderen in de zorg steeds langer zelfstandig te willen blijven. Maar wat gebeurt er als ouderen wél zorg moeten ontvangen, en hun autonomie wél (deels) moeten opgeven? Daar gingen wij naar op zoek in ons onderzoek. Lees verder

Edgy – adj. Edgier, edgiest: daring, provocative or trendsetting

Door Estefania Laney     

SpW edgy

Van mijn voormalige stagebegeleidster kreeg ik te horen dat ik altijd ‘een beetje de randjes van de samenleving’ op zoek. Hoewel ik mij nog niet helemaal wist te nestelen in dat gegeven, vond ik het wel erg spannend klinken: op het randje van de samenleving, waar mensen vaak niet durven te komen en taboes nog de overhand hebben, steek ik lekker mijn neus in andermans zaken! Lekker gewaagd, lekker provoceren, en misschien wel taboes doorbreken en trendsetten. Ik besloot de uitspraak in een sollicitatiebrief te gebruiken, waarmee ik reageerde op een vacature van de GGD: er werd een stagiair gezocht die onderzoek wilde doen naar suïcidepreventie in Amsterdam. Als dat niet op het randje is!

Lees verder

Dancing Bamboo

SpW Ulrike foto SAM_0185

Another fieldwork 2013 report!

By Ulrike Scholtes  Walking up the little hill in Yokohama to reach the studio my Sunday-workshop takes place at, I have to pass a bamboo forest. On sunny days, which are common here in Japan, it looks nicely illuminated, showing all the different shades of brown and green it has to offer. Towards the centre the forest turns extremely dark, but I am still able to see the many rows of bamboo trunks, that appear almost artificially organized. From here I have to walk a few meters straight and turn right at the massive orange tree, one of the landmarks I desperately need to survive here in Japan and find back the places I have been before. Soon a discrete sign will appear on my right hand, saying “Kazuo Ohno Dance Studio”, I believe the only sign in this neighbourhood that provides an English translation for the Kanji words. The sign leads to the – with childish mosaic patterns cheerfully decorated – path, I have to take in order to reach the studio. The second path leads to YoshitoOhno’s house. It used to belong to Kazuo Ohno, one of the two establishers of butoh dance. Out of different parts and materials that belonged to an old, and now fully deconstructed, elementary school, Kazuo Ohno had the first butoh dance studio built on this piece of lands, where he and HijikataTatsumi would practice and philosophize about what authentic Japanese, dance, but most importantly about what the body is. Lees verder

Cultuur is opium voor het volk, maar opium is ook cultuur – Deel II

Verkoopster van cocablaadjes
Verkoopster van cocablaadjes

Door Ton Salman. Op 6 maart vorig jaar verscheen op StandplaatsWereld een stukje van mijn hand over de vergadering in Wenen van de Convention Against Illicit Traffic in Narcotic Drugs and Psychotropic Substances. Op die vergadering bepleitte Bolivia dat het kauwen op coca-blaadjes uitgezonderd moest worden van de drugs-verboden die in die Conventie waren overeengekomen – en dat Bolivia in dat geval weer graag lid zou worden. Het is nu tijd voor een kort vervolg op dat verhaal: Bolivia heeft het pleit gewonnen! Lees verder

Seminar Cost of Love

wg_vierkant

Door Dominique Voskuyl, m.m.v. Ina Keuper, Naomi Repko, en Eva de Jong Is ontwikkelingshulp voor ouderen weggegooid geld? Welk continent vergrijst sneller: Europa of Azië? Hoe ziet het leven van ouderen in Afrika eruit wanneer hun kinderen zijn overleden aan hiv/aids en zij voor hun kleinkinderen moeten zorgen? Wat kost deze liefde?  Deze vragen kwamen aan de orde in het seminar Cost of Love dat op 4 december 2012 voor antropologiestudenten van de VU werd verzorgd door de niet-gouvernementele organisatie (NGO) WorldGranny in het kader van het VN-programma global ageing. De heer Livingstone Bayekwaso uit Tanzania was de belangrijkste spreker.

 Natacha Berbers, stagiaire bij WorldGranny, opende het seminar en vertelde over de twee missies van deze NGO (http://www.worldgranny.nl/).  De eerste missie is gericht op Nederland om kennis en bewustwording te creëren over de wereldwijde vergrijzing en de problemen die dit met zich meebrengt. Dit wordt gedaan aan de hand van een reizende fototentoonstelling op NS stations, voorlichting op scholen en via het Granny-to-Granny programma waarin oma’s in Nederland geld inzamelen voor oma’s in Afrika. De andere missie richt zich op ontwikkelingslanden met onder andere programma’s voor huisvesting en micro pensioenen. Natacha liet een korte film zien over het leven van grootmoeders in Tanzania die voor hun kleinkinderen zorgen na het overlijden van hun eigen kinderen aan hiv/aids of een andere ziekte (http://www.youtube.com/watch?v=L2LrX7kbrUw). Na deze film werd het publiek met een quiz getest op hun kennis van global ageing. Veel deelnemers vielen na de eerst vraag al af,  maar ze weten nu wel dat Azië sneller vergrijst dan Europa, dat de helft van alle aidswezen in Afrika wordt verzorgd door zijn of haar grootouders, dat vergrijzing sneller gaat in arme, onderontwikkelde gebieden in het zuiden dan in de rijke landen van het noorden en dat slechts één op de vijf mensen ter wereld een pensioenvoorziening heeft. Lees verder

Politiek verbod op neef-nicht huwelijken

door Edien Bartels en Oka Storms  In het regeerakkoord tussen de VVD en de PvdA staat dat neef-nicht huwelijken in beginsel worden verboden. Zonder verdere toelichting wordt dit onder de paragraaf ‘immigratie, integratie en asiel’ Waarom? Neef-nicht huwelijken zijn een politiek issue geworden.

Vanwege het ontbreken van toelichting voor het verbod in het regeerakkoord, kijken we voor het waarom naar eerdere discussies en een wetsontwerp dat in maart jl. naar de Tweede Kamer is gestuurd. Daarin wordt voorgesteld neef-nicht huwelijken tegen te gaan. De motivering is dat neef-nicht huwelijken vaak gedwongen zijn. De familie zou bepalen dat neef en nicht met elkaar trouwen.

Opvallend genoeg wordt er in het huidige regeerakkoord ook onder de paragraaf ‘emancipatie en gelijke behandeling’ gesteld dat gedwongen huwelijken strafbaar worden. Als dat zo is, waarom moet dan over neef-nicht huwelijken apart worden geschreven? Als het hier gaat om gedwongen huwelijken dan kunnen deze huwelijken tegengegaan worden door huwelijksdwang te verbieden?

In een eerdere verklaring vertelt de toenmalige wethouder van Amsterdam en huidige minister van binnenlandse zaken, Asscher, dat via neef-nicht huwelijken meisjes uit het land van herkomst naar Nederland worden gehaald om te zorgen voor tweede-generatie zoons die zwakbegaafd zijn en dan ook de rol van Assepoester voor de familie vervullen. Maar, neef-nicht huwelijken komen ook voor onder Nederlanders. Een EO-programma over een Nederlands neef-nicht echtpaar laat dit bijvoorbeeld zien. Waarom verschijnt dit verbod dan onder de paragraaf ‘immigratie, integratie en asiel’ in het regeerakkoord? Lees verder

Seminar Feministische Antropologie: Fascinaties en frustraties

Afscheid van Marion den Uyl

Door Ina Keuper. Op vrijdag 14 september organiseerde de afdeling SCA het goedbezochte seminar Feministische Antropologie: Fascinaties en frustraties vanuit persoonlijk, maatschappelijk en academisch perspectief. Deze bijeenkomst werd georganiseerd omdat Marion den Uyl na 24 jaar universitair docentschap de afdeling gaat verlaten vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Op verzoek van Marion waren drie feministische antropologen – elk van een verschillende generatie, en met een verschillende regionale expertise – uitgenodigd om te reflecteren op hun fascinaties en frustraties rond de feministische antropologie. Na hun presentaties en een korte discussie gaf Marion een afscheidscollege.

Lees verder

Bachelorthesis-Festival verslag, juni 2012

Het nieuwe seizoen van StandplaatsWereld beginnen we met een terugblik op de afronding van het vorige jaar.  Op 18 juni jongstleden presenteerden de bachelorstudenten hun eindscripties. Onderstaande tekst doet verslag.

Door Ina Keuper, met bijdragen van Sanneke Bolderheij, Anerike Hekman, Rixt Vellenga, Stèphanie van den Noord, Amber Dickman, Tamar Basak, Mar-Lisa Ras, Leonie Cieremans, Renske Fraanje, Yoah Kerkvliet, Vanessa Schwegler, Merel van Grimbergen

Op maandag 18 juni was het zover. Alle derdejaars studenten van de bacheloropleiding Culturele Antropologie en Ontwikkelingssociologie lieten aan elkaar laten zien en horen waar ze de voorgaande drie maanden zo hard aan gewerkt hadden. Ze presenteerden het concept van hun bachelorthesis en gaven elkaar commentaar zodat dit nog verwerkt kon worden in de eindversie die op 29 juni moest worden ingeleverd. In totaal hebben ruim veertig studenten een verhaal gehouden over hun thesis. Een aantal studenten*) heeft een verslag geschreven van enkele presentaties ter compensatie van het missen van zittingen van het voorafgaande wekelijkse bachelorthesisatelier. Op basis hiervan is onderstaand verslag samengesteld, om aan een breed publiek te laten zien waar bachelorstudenten antropologie aan de VU zich zoal voor interesseren. Lees verder