Categorie archief: Ondernemerschap & Organisaties

Financial crisis worldwide

Street selling in The Gambia (by red hand records)

Street selling in The Gambia (by red hand records)

By Kim Knibbe What do a window washer at a cross-roads in a metropole who starts washing your window unasked, an old lady from a village in Africa who visits her son in the big city to ask for financial support, a beggar and a pickpocket have in common? According to the anthropologist James Ferguson, they are all involved in what he calls improvisational distributive labour. Ferguson said this during the seminar The Financial Crisis: views from anthropology, which was held at our department last week. 

Lees verder

Bonus on the beach

By Chris Madden (with permission)

By Chris Madden (with permission)

Tijo Salverda explains what the financial sector can learn from a former colonial elite.

Hedge fund managers, the City and Wall Street’s top bankers, regulators and politicians involved in reshaping the financial markets, should take a look at the tropics. They can learn a great deal from the former white colonial elite of Mauritius.

Lees verder

De schuld van het kapitaal?

DE GESCHIEDENIS VAN ARM EN RIJK OP WERELDSCHAAL

Een van de meest in het oog springende wereldproblemen is het grote verschil tussen arm en rijk. Terwijl het Westen een industriële welvaartsmaatschappij heeft ontwikkeld, bieden andere delen van de wereld nog steeds het trieste beeld van economische achterstand en massale armoede. Die achterstand blijkt ook uit een gebrekkige gezondheidszorg en een lage scholingsgraad. In de sociale en culturele antropologie gaat het niet alleen over verschillen in cultuur maar ook over die tegenstelling tussen arm en rijk. Waarom zijn zoveel landen arm en andere rijk?

Lees verder

Hoe dicht bij huis zit de rot? Over corruptie ver weg en dichtbij

Foto: Jensjeppe

Foto: Jensjeppe

Onder de spraakmakende titel ‘Tot hoe dicht bij huis mag de rot komen?’ publiceerde Sierk van Hout, ‘reisjournalist’ en lid van Transparency International, een opiniestuk in de NRC van zaterdag 27 juni. Het stuk gaat over omkoping in verre landen – met name ontwikkelingslanden – waar corruptie welig tiert. Van Hout levert een heftig pleidooi om daar als westerse reiziger niet aan mee te doen onder het mom dat het een “lokaal gebruik” of “culturele praktijk” zou zijn waaraan je niet goed kunt ontkomen. Van Hout bekritiseert een dergelijke houding die kwalijke corruptiepraktijken in stand houdt en die volgens hem wel degelijk te vermijden is met enige morele standvastigheid, met vasthoudendheid en met broodnodig geduld.

Ik ben het met Van Hout eens dat omkoping en corruptie kwalijke zaken zijn die niet zijn goed te keuren. Maar ik heb een probleem met de generaliserende tweedeling ‘ontwikkelingslanden’ en ‘Nederland’ in termen wel en niet corrupt, en de simpele vergelijking tussen ‘hier’ en ‘daar’ die wordt gemaakt in zinnen als: “Omkopen. Thuis zouden we er niet over piekeren, maar in een ver land waar we misschien nooit meer terugkomen is het de vraag of onze moraal wat oplevert.”  Of: “Thuis alle vruchten genieten van een transparante samenleving en ver weg corruptie accepteren als een soort lokale folklore is dan ook niets minder dan verraad.” Los van de vraag of in alle ontwikkelingslanden corruptie en omkoping een “soort lokale folklore” zou zijn – het komt natuurlijk wel veel te vaak voor – is de aanname dat in Nederland geen corruptie zou bestaan en dat Nederlanders – in tegenstelling tot derde wereldbewoners – een correcte maatschappelijke moraal zouden hebben toch wel verbijsterend.
Lees verder

Jongeren in Burundi(1): Bakstenen en Wantrouwen

 

Jongeren met kruiwagens

Foto: Lidewyde Berckmoes

Bujumbura Burundi – Iedere ochtend rond half 8 stromen de zandwegen in de noordelijke wijken van Bujumbura vol met honderden jongeren met kruiwagens vol scheppen, spitten en emmers. ‘Wij nemen de weg over,’ roept één jongen lachend. Kleine kinderen staan gefascineerd aan de kant van de weg te kijken naar het schouwspel. Als ze de enkele blanke vrijwilliger ertussen zien lopen gillen ze in koor: “mzungu bonbon, mzungu bonbon”. De kinderen zijn onvermoeibaar. Iedere ochtend vindt hetzelfde ritueel plaats.

In groepen van 18 gaan de jongeren naar verschillende lapjes grond om bakstenen van modder te maken. De grond behoort toe aan de meest kwetsbaren uit de wijken: weduwen of vluchtelingen die na jaren asiel in Tanzania, Kongo of Rwanda zijn teruggekeerd naar Burundi. Met de stenen kunnen zij een huis bouwen. Ondertussen leren de jongeren met elkaar samenwerken en samenleven. Dat is het doel van het project dat iedere zomer weer georganiseerd wordt door het jeugdcentrum Centre Jeunes Kamenge. Lees verder

Bankiers en de kredietcrisiscultuur

090518_arendk

 

(Tekening: Arend van Dam)

Door Tijo Salverda

Vroeger toen ik me afvroeg wat ik later wilde doen, bedacht ik vooral ook wat ik niet wilde doen. Politieagent viel af. Maar vooral ook de hele dag met geld bezig zijn. Wat kon er nu leuk zijn aan de hele dag geld tellen? Eigenlijk denk ik dat nog steeds. Het enige verschil met vroeger is dat het wel leuk is om de mensen te bestuderen die het geld tellen, de bankiers.

 

Op dit moment staan zij uitgebreid in de belangstelling. Ze worden ervan verdacht de kredietcrisis te hebben veroorzaakt. Hoe ze dat zouden hebben gedaan wordt voornamelijk verklaard vanuit gangbare economische principes. Maar er blijkt meer antropologie in te zitten dan vaak wordt gedacht (ook door antropologen zelf, want die richten zich niet zo vaak op mensen in grote kantoren die met spreadsheets werken).

Lees verder

Stilte over cultureel verschil in organisaties leidt tot ongelijkheid

lida
Gastauteur Lida M. van den Broek

(Luister ook naar haar bijdrage op 27 mei in het EO programma Dit is de dag van radio 1.)

Hoewel er in Nederlandse organisaties een ideaalbeeld bestaat van gelijke behandeling, is er tegelijkertijd sprake van een dagelijkse praktijk van ongelijke behandeling, zo blijkt uit mijn promotieonderzoek. Het ideaalbeeld van gelijke behandeling wordt in stand gehouden doordat alledaags racisme onzichtbaar wordt gemaakt door zowel autochtone als allochtone Nederlanders.
De kwaliteiten van allochtone Nederlanders worden door autochtone Nederlanders systematisch onvoldoende herkend. Bovendien blijven Nederlandse monoculturele waarden dominant in de multiculturele organisatie (en samenleving) en blijven vormen van alledaags racisme ongezien.  Aan de kant van de allochtone Nederlanders zien we dat zij met betrekking tot alledaags racisme confrontatie vermijdende interpretaties en taalgebruik hanteren waardoor zij de mythe van gelijke behandeling in stand houden.

Lees verder